BESCHOUWING: Eenheid is kracht

Cynthia McLeod bevestigde tijdens het literaire festival dat de Nederlandse cultuur werd opgedrongen aan de Surinamers.
Shoeket logo

Bron: De Ware Tijd

3 Augustus 2023 21:56

Voor mij lezen

De Surinaamse literatuur is een mooie weerspiegeling van de ontwikkeling die het land doormaakt. Eerst werden de verhalen onderdrukt door de kolonisator, daarna werd geprobeerd verhalen net als die van de kolonisator te schrijven en op een bepaald moment werd de eigenwaarde van de Surinaamse verhalen omarmd. Nu wordt een weg gebaand om de vele Surinaamse verhalen wereldkundig te maken. De pijn en de wonden van de onderdrukking zijn nog te voelen, maar het zorgt wel ervoor dat je weet dat je leeft. En de Surinaamse literatuur leeft.

Tekst Kevin Headley

Beeld dWT archief

Eind juli vond het driedaagse literatuurfestival ‘Eenheid is kracht’ plaats. Na jaren werd er weer eens een groot literair evenement georganiseerd. Dat gebeurde door de Schrijversgroep ’77 samen met de subcommissie Ketikoti van de ‘Nationale commissie jubileumjaren 2023’. De activiteit begon met het bezoek van schrijver Indra Hu aan twee lagere scholen, waar zij haar nieuwste boek – ‘De Lotusbloem’ – presenteerde.

Positieve ontwikkeling

Op de eerste avond hield historicus Jerry Egger een presentatie ‘… Hoe wij hier samen kwamen?’. Het was een heel interessante avond, zij het met weinig publiek. Kern van de presentatie was de invloeden van Nederland op onder meer de samenstelling van de bevolking van Suriname door slavenhandel en immigratie en de vorming van de identiteit van het land met veel Europese invloeden door de assimilatie politiek.

“Wat relevant is, is dat we bij het luisteren naar of lezen van een verhaal ons realiseren vanuit welk perspectief het wordt verteld”

Ismene Krishnadath

Deze heeft namelijk veel invloed gehad op de mate van eigenwaarde van de samenleving in Suriname. “We denken aan het verbod op winti en het verplicht maken van het Nederlands in het onderwijs”, stelde Egger.

Hij werkte ook met veel citaten uit de Surinaamse literatuur om aan te geven hoe sommige schrijvers over de invloeden van Nederland op Suriname dachten. ‘O voortreffelijke Hollanders. Inderdaad, gij zijt een achtenswaardig volk, met vele schone leuzen. En de werkelijkheid? Een ver land dat ik verschrompelen zie tot een dorre woestijn. En ik durf het u te zeggen, zondagsbrave kooplieden; dit is uw schuld. Want naamt ge bezit van dit land – ik wil niet spreken over recht of onrecht, God weet dit alleen – waarom heeft het uw liefde niet meer, nu gij niet langer spreken kunt over het Dividend? Gij kent dit land alleen nog als een nadelige post op de jaarlijkse begroting, en herinnert u wrevelig de vette dagen van Mauritius en Sommelsdijk’. (Albert Helman, Zuid-Zuid-West, 1926 bladzijde 111).

Egger maakte duidelijk dat Suriname door Nederland steeds werd gezien als een last. Daarom werd ook weinig gestopt in de ontwikkeling van het land. De groepen moesten uitzoeken hoe ze met elkaar overweg moesten. Hetzelfde geldt voor de literatuur. De verhalen van het land werden niet zo belangrijk gezien als de verhalen van de Noordzee.

De waardering voor de Surinaamse verhalen neemt gelukkig de laatste jaren toe. Er vindt ook meer onderzoek plaats naar de ontwikkeling van de literatuur van Suriname en Surinaamse schrijvers krijgen steeds meer ruimte om hun werk in Nederland uit te brengen.

De ontwikkeling van de Surinaamse literatuur maakt een positieve tijd door na jaren te zijn doodgezwegen en letterlijk geplaatst te zijn in een hoekje in boekhandels in Nederland. Dit door inzet van Anton de Kom en Shrinivasi.

Suriname als Nederlandse parel

Op de tweede dag van het festival stonden voordrachten van Surinaamse schrijvers centraal. Grande dame van de Surinaamse literatuur Cynthia McLeod beet de spits af. Zij had het over de ontwikkeling van de viering van 1 juli, Dag der Vrijheden, Keti Koti. Na de afschaffing van de slavernij werd dit gebeuren namelijk jaren niet gevierd.

De zaal was in vergelijking met de eerste dag beter bezet. Zoals gewend hing iedereen aan de lippen van McLeod. Zij bevestigde weer dat de Nederlandse cultuur werd opgedrongen aan de Surinamers. In 1867 werd in Suriname de leerplicht ingesteld en werd uitsluitend Nederlands onderwijs verzorgd. Volgens onderwijsinspecteur Herman Benjamins was het doel om Hollanders te maken van de leerlingen. Het Sranantongo moest verdwijnen. Het werd gezien als een verfoeilijke taal.

McLeod citeerde van Benjamins ‘Suriname moest de Hollandse parel worden van het Westelijk Halfrond’. Deels is het gelukt aangezien Suriname het enige land in dit deel van de wereld is waar Nederlands wordt gesproken. Je moest verder zo Hollands mogelijk praten en zoveel mogelijk lijken op de Hollanders in kleding, doen en laten.

Ismene Krishnadath gaf een uiteenzetting over hoe de geschiedenis van Suriname vanuit verschillende perspectieven is verteld en zei daarbij dat verhalenmakers nooit een objectief verhaal vertellen.

In Suriname gebeurde er wel iets opmerkelijks: tien jaar na de afschaffing van de slavernij werden er andere groepen gehaald naar het land. De Hindostanen kregen de ruimte om hun cultuur uit te dragen. En dat wilden de ‘Creolen’ ook en besloten de elementen, zoals het Sranantongo en kleding, zoals de koto, meer uit te dragen.

Ze wilden ook een dag hebben waar ze hun cultuur konden vieren en dat werd 1 juli. Op 1 juli 1955 werd Ketikoti tot een nationale feestdag gemaakt onder premier Johan Ferrier, 92 jaar na afschaffing van de slavernij.

Op 30 juni 1963 werd het beeld Kwakoe van Jozef Klas onthuld. Het staat op de hoek van de Zwartenhovenbrug- en dokter Sophie Redmondstraat en is symbool voor de afschaffing van de slavernij. Het werd Kwakoe genoemd naar de naam die jongens kregen als ze werden geboren op een woensdag. 1 Juli staat nu centraal voor de verschillende momenten van strijd voor vrijheid; vrijheid van slavernij, strijd om vrij cultuur te belijden, strijd om 1 juli tot een vrije dag te maken en strijd om al deze vrijheden te vieren.

Later op de avond vonden er ook optredens plaats van Bongo Charlie, Sombra en Jeffrey Quartier, maar de toon werd gezet door McLeod. Er waren ook boekenstands.

“Het Sranantongo moest verdwijnen. Het werd gezien als een verfoeilijke taal”

Meer doen met literatuur

Schrijfster Ismene Krishnadath verzorgde op de derde en laatste dag, voor redelijk opgekomen publiek, de lezing ‘Geschiedenis literair beschrijven, objectief of juist niet?’. Ze gaf een uiteenzetting over hoe de geschiedenis van Suriname vanuit verschillende perspectieven is verteld en gaf mee dat verhalenmakers nooit een objectief verhaal vertellen.

“Ze vertellen het verhaal vanuit hun eigen, subjectieve perspectief met de bedoeling de lezer, luisteraar voor hun standpunt te winnen. Vanuit dit gegeven is de vraag of dit juist niet relevant is. Wat wel relevant is, is dat we bij het luisteren naar of lezen van een verhaal ons realiseren vanuit welk perspectief het wordt verteld.”

Volgens Krishnadath is voor het collectieve bewustzijn van de natie en voor het collectieve bewustzijn van de groep waartoe mensen zichzelf rekenen, het aan te bevelen om verhalen vanuit verschillend perspectief op te nemen in het onderwijs of te verspreiden in de groep. “Als de luisteraars en lezers toegang hebben tot een repertoire aan verhalen vanuit verschillende perspectieven, mag elke verhalenmaker zijn eigen verhaal vertellen.”

Tijdens de discussie werd gezegd dat het belangrijk is dat bij het schrijven van historische romans er wordt gewerkt met feiten, om te voorkomen dat onjuistheden worden gezien als waarheden. Aan de andere kant is het bekend dat feiten in de geschiedenis bewust zijn verdoezeld, zoals de wandaden die in Suriname plaatsvonden tegen de tot slaaf gemaakten werden gemaskeerd in de Nederlandse geschiedenis.

Het was een mooie lezing om het festival mee af te sluiten. Ik miste wel leerkrachten, studenten die in Nederlands studeren of personen van het bibliotheekwezen bij het evenement. Het onderwijs moet namelijk meer betrokken zijn bij zo’n literair gebeuren, omdat leerlingen moeten worden geprikkeld om meer te lezen. Daarnaast moeten leerkrachten worden gestimuleerd om meer met literatuur te doen.

Duidelijk is dat er jaarlijks een groot literair gebeuren in Suriname nodig is. Behalve dat het podium biedt aan de verschillende woordkunstenaars, zorgen de presentaties voor verdieping, geven de workshops personen de kans bezig te zijn met het schrijven en is er weer veel aandacht voor de Surinaamse literatuur. De activiteit vond plaats in verband met de viering van de jubileumjaren, maar het is wel misschien een aanzet om jaarlijks zo’n evenement te organiseren.

De literatuur moet een betere plek krijgen in de kunstbeleving in het land. Enerzijds moet er meer worden gedaan met de literatuur door de overheid. Aan de andere kant moeten er meer literaire evenementen worden georganiseerd en moeten schrijvers ook meedoen aan deze activiteiten. Belangrijk is dat de aandacht het hele jaar door moet worden opgeëist voor deze ondergewaardeerde kunstvorm in Suriname.

Bekijkt origineel bericht ⇒

Meer actueel