De verdediging van Ginmardo Kromosoeto heeft in hoger beroep in de geruchtmakende corruptiezaak bij de Centrale Bank van Suriname (CBvS) gepleit dat het Openbaar Ministerie (OM), niet ontvankelijk wordt verklaard om hem te vervolgen. Hij is in deze zaak door de kantonrechter op 31 januari 2022 veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf en een boete van SRD 150.000 die hij kan vervangen door twaalf maanden extra cel. Officieel is hij, na het uitzitten van twee derde deel van zijn straf in vrijheid gesteld, maar vecht zijn veroordeling in hoger beroep bij het Hof van Justitie aan.
Tekst Wilfred Leeuwin
Beeld dWT archief
Intussen zit Kromosoeto in voorlopige hechtenis in de zaak van de Surinaamse Postspaarbank (SPSB), waar hij directeur was. Deze zaak wordt nu in eerste aanleg bij de kantonrechter behandeld. Volgens het OM is tijdens het gerechtelijk vooronderzoek (GVO) naar mogelijke misstanden bij de CBvS gebleken dat de toenmalige directeur betrokken is bij onder andere de verkoop van panden door toenmalig en al jaren voortvluchtige minister Gillmore Hoefdraad van Financiën.
Deze zaak van de CBvS zou volgens de verdediging van Kromosoeto zijn begonnen als gevolg van een brief van de CBvS-directeuren Faranaaz Hausil, William Orie, Michael Soekhnandan en toenmalig regeringscommissaris bij de bank Vidjai Kirpalani.
“Het OM beweert een heleboel, meent feiten te presenteren, maar levert niet het bewijs van de feiten”
Advocaat Richard Tjon A Joe
Naar aanleiding hiervan is door toenmalige procureur-generaal Roy Baidjnath Panday opdracht gegeven voor een onderzoek en is een GVO begonnen bij de rechter-commissaris en uiteindelijk is ze bij de kantonrechter terechtgekomen. Alle aan Kromosoeto ten laste gelegde feiten houden verband met de Anti Corruptie Wet (ACW).
Zijn advocaten Richard Tjon A Joe en Benitio Pick wijzen het Hof erop dat volgens deze wet niet de briefschrijvers en ondertekenaars een klacht mochten indienen tegen Kromosoeto maar een in de ACW genoemde anticorruptiecommissie. Ten tijde van de brief bestond deze commissie niet. Deze commissie, zou de corruptie hebben moeten vaststellen. De commissie is pas op 5 mei 2023 geïnstalleerd.
Beschuldiging
De verdediging stelt dat de ACW betrekking heeft op corruptiebestrijding door publieke functionarissen die in de uitoefening van hun taak misbruik hebben gemaakt van hun functie. Uit geen van de feiten in de dagvaarding is gebleken dat Kromosoeto wordt verweten zich schuldig te hebben gemaakt aan wat als corruptie in de wet wordt omschreven. “Nu dat gesteld noch gebleken is, dient het OM niet ontvankelijk te worden verklaard en dient Kromosoeto ontslagen te worden van alle rechtsvervolging”, zeggen de advocaten.
Hij wordt er onder andere van beschuldigd zich in de periode juni 2019 tot en met februari 2020 in de uitoefening van zijn publieke functie schuldig te hebben gemaakt aan corruptieve handelingen. De advocaten voeren aan dat hun cliënt van 14 mei 2019 tot en met 11 mei 2020, op verzoek van toenmalig president Desi Bouterse, op advies van pg Baidjnath Panday, niet in functie, maar met verlof was. Zijn taken en bevoegdheden werden toen waargenomen door de overige directieleden.
Kromosoeto mocht in die periode geen enkele handeling verrichten namens de bank. “De handelingen in de dagvaarding kan hij dus nooit hebben gepleegd als directeur of in functie. Vast staat dat hij bij het opmaken van de royalty-overeenkomst voor het verkopen van panden door de staat, met verplicht verlof was. Het OM kan dat evenwel ook niet bewijzen, maar legt het hem wel ten laste”, menen de advocaten.
Volgens de verdediging staat Kromosoeto terecht door een email die hij in die periode zou hebben gestuurd naar Hoefdraad waarin hij zijn idee gaf over de mogelijke verkoop van panden en de transactie die betrekking had op de royalty’s van Iamgold bij de Centrale Bank. Hij zou op basis hiervan door het OM zijn aangemerkt als het brein van een criminele organisatie. “Ideeën hebben is niet strafbaar en is geen bewijs van strafbare handelingen”, zegt advocaat Tjon A Joe.
Hij noemt zijn cliënt “de enige persoon op de wereld die deelneemt aan een criminele organisatie, die uit slechts één persoon bestaat.” Geen van de andere verdachten van de zogeheten criminele organisatie, worden verdacht van deelname hieraan.
“Hij noemt zijn cliënt ‘de enige persoon op de wereld die deelneemt aan een criminele organisatie, die uit slechts één persoon bestaat”
Advocaat Richard Tjon A Joe
“De criminele organisatie die door het OM is opgevoerd is een farce. Het feit dat Kromosoeto een paar keer gesprekken heeft gehad met Hoefdraad en hem een email heeft gestuurd, en ook naar Hausil en toenmalig CBvS-governor Robert van Trikt, is kennelijk voor het OM voldoende bewijs dat er sprake is van een criminele organisatie.”
OM losgeslagen
Hoewel in deze spraakmakende rechtszaak alle verdachten afzonderlijk hoger beroep hebben aangetekend na hun veroordeling in eerste aanleg, is hun kritiek op het OM gelijkluidend. De benaming van een criminele organisatie voldoet niet aan de beschrijving zoals omschreven in artikel 188 van het Wetboek van Strafrecht en de jurisprudentie.
De advocaten blijven het Hof van Justitie erop wijzen dat het OM er niet in is geslaagd wettig en overtuigend bewijs te leveren dat die vermeende organisatie als oogmerk het plegen van misdrijven heeft gehad. Geen van de verdachten heeft een crimineel verleden. Ze zijn nimmer eerder in verband gebracht met strafbare feiten en zijn ook nimmer hiervoor veroordeeld. “Het is een farce. Het bestaat simpelweg niet” zei Tjon A Joe.
Het OM wordt in de drie jaar die deze rechtszaak gaande is, nu in hoger beroep, door de verdediging verweten ‘compleet los te zijn geslagen en alle beginselen van het strafrecht overboord te hebben gegooid’. “Het OM beweert een heleboel, meent feiten te presenteren, maar levert niet het bewijs van de feiten”, zegt de advocaat. In vrijwel alle gevallen wordt er aan vastgehouden dat het OM geen vervolgingsrecht heeft en zijn opvattingen op onwettelijke gronden baseert.
Het kan er bij de advocaten niet in dat het OM vindt dat in deze zaak, de handelingen van de verdachten geleid hebben tot verregaande nadelen voor de staat en de samenleving. “Op grond van welke macro economische gegevens trekt het OM deze conclusie? Het heeft gefaald het causaal verband aan te tonen. Dat kan het ook niet omdat dat er niet is”.
Tegenbewijs
De raadslieden voeren als tegenbewijs macro-economische cijfers aan die de afgelopen jaren door de CBvS zelf zijn geproduceerd. Het gaat om inflatiecijfers van 6,8 procent in 2018; 4,4 procent in 2019; 34,9 procent in 2020; 59,1 procent in 2021 en 52,4 procent in 2022.
“Leden van het Hof, in de periode dat Kromosoeto de vermeende handelingen zou hebben gepleegd, die volgens het OM geleid hebben tot verregaande nadelige gevolgen voor het land en de economie, bedroeg de inflatie over twee jaar gemeten 11,2 procent. In de periode dat hij was opgesloten, was er een nieuwe regering en toen was de inflatie over drie jaar genomen ruim 146 procent”, motiveert Tjon A Joe.
In deze rechtszaak worden ook vervolgd ex-minister Hoefdraad van Financiën, juridisch directeur van de CBvS Hausil, Ex CBvS-governor Van Trikt en diens zakenpartner en manager van het accountantsbureau Orion.