‘Grondenrechten gaan ons allemaal aan!’

Shoeket logo

Bron: Waterkant

16 Mei 2023 03:00

Voor mij lezen

[INGEZONDEN] – De grondenrechten vraagstukken in Suriname zijn niet van vandaag en gaan niet alleen de inheemsen en marrons aan. Zij gaan eenieder van ons in Suriname aan en er moet vanuit meer hoeken van de samenleving aandacht voor zijn. Zelf ben ik actief in ecotoerisme en moet constateren dat de jarenlange strijd van de volken jammer genoeg steeds meer grimmige vormen aanneemt en dat is totaal niet best voor toerisme en investeerders vanuit het buitenland.

Soms krijgt u geen toestemming om langs een gebied te gaan en is het beter om sommige gebieden (die echt prachtig zijn) beter niet te bezoeken. Een korte terugblik laat zien dat de toenemende frustratie bij de volken van Suriname niet onterecht is. Ik refereer hieraan nogmaals zodat de volken ook weten dat er mensen zijn die hun begrijpen als gekeken wordt naar de geschiedenis van alles.

Eerste protestmars 1976
}Zover bekend was een eerste protestmars al in 1976 georganiseerd door toen KANO een samenwerkingsverband dat in 1969 werd opgericht; de letters staan voor KAlina (Caraïben) en LokoNO (Arowakken). Wat moet de republiek Suriname nu doen? De inheemsen en marrons beschikken niet over titels op hun gronden. Daardoor wordt door sommigen aangenomen dat de binnenlandsbewoners niet over “rechten” maar over “aanspraken” op de door hen bewoonde en gebruikte gronden beschikken. De overheid zou bij de uitgifte van titels aan Surinamers de “gewoonterechten” van de binnenlandbewoners dienen te eerbiedigen, in zoverre het algemeen belang zich hier niet tegen verzet.[1] Waarom? Daarvoor zijn er drie uitspraken:

2005 Moiwana vonnis
In de Moiwana-zaak van 2005 bepaalde het Inter-Amerikaans Hof voor de Rechten van de Mens dat, Suriname het recht van een in stamverband levende gemeenschap op grondbezit had geschonden. Het Hof stelde dat het eigendomsrecht voortvloeit uit het traditioneel bewonen en gebruiken van gronden door de desbetreffende gemeenschap, zoals gedefinieerd in haar gewoonterecht. Het Hof stelde ook dat deze eigendomsrechten niet afhankelijk zijn van de nationale wetten van Suriname.

2007 Saamaka vonnis
Gedurende de jaren 1990 werd met toestemming van de Surinaamse overheid hout gekapt in het leefgebied van de Saramaccaners (Saamaka). Zij riepen hulp in van de Inter-Amerikaanse Commissie voor en het Hof voor de Rechten van de Mens. In november 2007 werd de Staat Suriname door dit hof veroordeeld. De staat werd schuldig bevonden aan het schenden van de rechten van de Saramaccaners op hun grondgebied. De Surinaamse overheid is verantwoordelijk voor de uitvoering van het zogenoemde Saamaka-vonnis. In dit vonnis is onder andere opgenomen dat het grondgebied van de stam der Saramaccaners gedemarkeerd moet worden en dat de grenzen met de omliggende stammen duidelijk vastgesteld dienen te worden.[2] De Saramaccaners en Matuariërs kwamen overeen dat de grenslijn van het Saamakagebied en Matawaigebied wordt bepaald door de rechteroever van de Saramaccarivier en de linkeroever van de Surinamerivier.

2011 Grondenrechtenconferentie
Op 21 en 22 oktober 2011 werd er op Colakreek een grondenrechtenconferentie georganiseerd. De bedoeling van deze conferentie was om met alle betrokken partijen te komen tot een strategie voor de oplossing van het grondenrechtenvraagstuk. Deze conferentie werd op de tweede dag abrupt beëindigd. Er kwamen twee afzonderlijke verklaringen, van de inheemsen en marrons enerzijds en de regering anderzijds. Het traditionele gezag van inheemse en tribale volken in Suriname vindt dat de grondenrechten van de inheemsen en marrons nationaal erkend moeten worden. Hierbij moet onder andere worden vastgesteld dat onder “grondenrechten” verstaan wordt de collectieve eigendomsrechten van de inheemsen en marrons op hun traditionele woon- en leefgebieden. De president van Suriname (toen dus Bouterse) benadrukte bij de opening van de conferentie dat de republiek Suriname niet deelbaar is.

2016 Zaak Karaiben en Arowakken
Begin 2016 deed het Inter-Amerikaanse Hof een uitspraak in de zaak die Karaïbische en Arowakse dorpen aanspanden.[3]In het vonnis wordt de Surinaamse staat gesommeerd binnen twee jaar aan de volken collectieve grondrechten op hun traditionele territorium toe te kennen. VIDS-voorzitter Lesley Artist bood het vonnis hierna aan minister Edgar Dikan van Regionale Ontwikkeling aan.In 2017 beklaagde Artist zich echter dat het vonnis noch het akkoord met de regering uit 1992 verandering heeft gebracht aan de grondrechtenproblematiek van de inheemse Surinamers.In augustus 2017 tekende hij weliswaar met Dikan een intentieverklaring om de rechten te gaan regelen; Bouterse stelde de ondertekening op het laatste moment uit.Hij tekende weliswaar later, maar de Wet Beschermde Dorpsgebieden, die in 2017 door DNA werd goedgekeurd, bleef ongetekend liggen op het bureau van Bouterse (stand juli 2019).[4]

Waar het mij om gaat is dat het lijkt alsof er gezegd wordt dat Suriname verdeeld zou worden in verschillende landen wanneer uitvoering gegeven wordt aan de vonnissen, door dus de volken collectieve grondrechten op hun traditionele territorium toe te kennen. Dat lijkt mij niet het geval. Door toekenning van grondenrechten zullen de volken de nationale wetten en regels moeten respecteren (dat moeten zij al). Volken kunnen met een titel rustig leven, zoals u misschien met een eigendomsperceel. Er zijn veel gidsen in Suriname en veel meer andere particulieren en instanties die zich bezighouden met ecotoerisme, vanuit toerisme hoor is niets.

Hoevaak is het niet in beeld geweest dat ecotoerisme zou zorgen voor diversificatie? Het moet aantrekkelijk zijn om te komen naar Suriname, en dat kan zeker wanneer alle verschillende culturen ruimte krijgen om hun gebied te verfraaien. Alleen al naar Suriname komen met een heel gezin kost ontzettend veel geld. Als toerist komt u om te genieten van een prachtig land, mooi cultuur, lekker eten en niet voor onrust. Veelal worden toeristen geconfronteerd met leed en geweld dat zijn oorsprong vindt in de grondenrechten issue.

Mijn visie is dat wanneer inheemsen en marrons een gebied mogen aanwijzen als te zijn van hun op hebben dat er een vorm van rust (weder)keert. Zij zullen zelf kunnen voorzien in handhaving van regels in hun gebied, omdat zij voor het eerst officieel kunnen zeggen dat het hun gebied is en deze volken zullen hopelijk langzamerhand bereid zijn om internationale gemeenschap op hun terrein te verwelkomen om kennis te laten maken met hun cultuur, (culinaire) tradities, en gewoonten.  Geef ze een eigen plek zodat hun rijke tradities zich kunnen ontplooien en delen met de rest van de wereld.

Ook kunnen investeerders aangetrokken worden die in toerisme willen investeren omdat duidelijk is met wie gesproken moet worden voordat er investeringen gedaan worden. De Staat zal de gebieden kunnen aanwijzen waar concessies afgegeven kunnen worden en bepaalde gebieden zullen altijd beschermd blijven ook voor u als Surinamer. Kow de eerlijk, suma ne geniet fa rust? 

Laat de grondenrechtenvraagstuk dus niet alleen over aan de marrons en de inheemsen, maar ik nodig veel meer partijen uit om over dit vraagstuk te discussiëren.

Mvg. Ecotoerisme promotor


[1] Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Grondenrechten_van_de_inheemsen_en_marrons_in_Suriname

[2] Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Grondenrechten_van_de_inheemsen_en_marrons_in_Suriname

[3] Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Grondenrechten_van_de_inheemsen_en_marrons_in_Suriname

[4] Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Grondenrechten_van_de_inheemsen_en_marrons_in_Suriname

Bekijkt origineel bericht ⇒

Meer actueel