De Vereniging van Economisten in Suriname (VES) vindt het positief dat er akkoord is bereikt met de Oppenheimer schuldeisers, maar hieraan kleeft een prijskaartje van bijkans US$ 230 miljoen. "De autoriteiten hebben publiekelijk euforisch gewag gemaakt van de
financiële besparingen door dit akkoord. Men sprak zelfs van besteding
van het vrijgekomen geld aan projecten. De enige waarheid is dat de uitgavenbegroting op papier voor het jaar 2023 kan worden verlaagd. In
realiteit hebben we de afgelopen 3 jaren de begrote rentebetalingen aan
de Oppenheimer schuldeisers, niet kunnen betalen. Feit is dat de
nieuw voor 2024 overeengekomen rentebetaling van US$ 32.2 miljoen (ca.
SRD 1.2 miljard) ergens uit gehaald moet worden. Waar gaat er nu weer
op bezuinigd worden?", zegt Swami Girdhari, secretaris van de VES in een interview met Starnieuws.
De nieuwe lening bestaat uit een 2-tal componenten
Indien de multinationals TotalEnergies en Apache volgens verwachting wel tot productie overgaan, dan wordt het genoemde bedrag echter verder verhoogd met 20% en daarenboven een rente vanaf 2023 van 9%. Onder bepaalde aannames, op basis van cijfers van de Liza-put in Guyana, is gerekend dat Suriname tussen 2028 en 2031 jaarlijks ca. US$ 120 miljoen zal moeten neertellen. "Waar door de beleidsmakers aan de samenleving een korting op de gigantische schuld was beloofd, blijkt door een amateuristische aanpak de onnodige additionele rente de 25% haircut te overtreffen", concludeert Girdhari.
Met de schuldeisers die via Oppenheimer hun kapitaal aan Suriname hadden verschaft is een overeenstemming bereikt over het vooruitschuiven van de terugbetaling. "Eindelijk, want elk jaar vertraging kost ons land US$ 67 miljoen alleen aan rentekosten. Dat weten de autoriteiten, de 'standstill' was absoluut geen 'interest still'. Weliswaar doet deze regering hetzelfde wat de vorige heeft gedaan. Een schuld nemen en deze doorschuiven naar de volgende regering", benadrukt Girdhari.
De regering-Bouterse heeft het land in een economische recessie geduwd. Onder regie van de toenmalige governor van de Centrale Bank, die ook de facto minister van Financiën was, zijn de nationale deviezenreserves van ca. US$ 1 miljard systematisch gebost en is er ruim SRD 9 miljard monetair gefinancierd. Door de schijn van economische stabiliteit kon die crisis voor de burger verborgen worden. De VES heeft vanaf de 2e helft van 2013 regelmatig gevraagd om correctie van het economisch wanbestuur, hetgeen stelselmatig is genegeerd. Na de verkiezingen van mei 2015 werd de crisis door de Regering erkend en klopte deze bij het IMF aan voor hulp.
Direct nadat de IMF stand-by agreement was goedgekeurd kon de toenmalige regering, met een IMF stempel op zak, via Oppenheimer een zogenaamde Eurobond voor een bedrag van US$ 550 miljoen sluiten. Toen kon men IMF de deur wijzen, want er was weer genoeg te besteden. De hoofdsom zou in één keer pas in 2026 moeten worden terugbetaald, maar de rente van 9.25% die wel jaarlijks moest worden betaald bedroeg US$ 51 miljoen, zegt Girdhari.
De tweede Oppenheimer gesloten bond, welke US$ 125 miljoen bedroeg, was niet om te betalen voor de stuwdam, maar om de opgelopen niet-betaalde energierekening aan Alcoa te betalen. De hoofdsom zou ook in één keer in 2023 moeten worden terugbetaald, maar de rente van 12.875% ten bedrage van US$ 16 miljoen moest jaarlijks worden betaald, brengt de VES-secretaris in herinnering.
Na bijkans 2,5 jaar is er in principe een herschikking afgesproken, een zogenaamde nieuwe lening. Hoewel er hieraan een aantal condities verbonden zijn, gaan wij ervan uit dat de bondholders het formeel goedkeuren en er binnenkort een akkoord met het IMF zal zijn.
a. Een nieuwe hoofdsom van US$ 650 miljoen, welke nu in jaarlijkse delen, niet meer in 1 keer maar gespreid over 7 jaren van 2027 t/m 2033, wordt afgelost. De rente daarbij is verlaagd van gemiddeld 10% naar 7.95%. Daarvoor wordt over 2024 en 2025 aan de zittende regering een 'rentekorting' van 3% (US$ 40 miljoen) gegeven welke in 2027 bij de schuld van de volgende regering wordt bijgeteld.
b. Een Value Recovery Instrument ter compensatie van de niet-betaalde rente sinds 2020. De niet betaalde rente ad US$ 229 miljoen is hierbij zonder enige toelichting met 20% verhoogd en daarenboven is er een jaarlijkse rente van 9% afgesproken. Deze betaling is alleen verschuldigd indien de staat uit de verwachtte aardolieproductie in blok 58 royalty's verdient. Hierbij zal, nadat de staat US$ 100 miljoen heeft ontvangen 30% van de royalty's, jaarlijks worden afgelost.
De VES heeft vanaf het aantreden van deze regering aangedrongen op een snelle herschikking, want Time is a lot of Money. Suriname had nooit zulke onbetaalbare schulden en geen ervaring met een default situatie. Derhalve huurde de regering in oktober 2020 het peperdure Franse bureau Lazard Freres SAS in voor de periode van 6 maanden. Dit is vanwege het uitblijven van een succesvolle afronding door opeenvolgende ministers telkenmale verlengd. Lazard ontving voor zijn diensten over de afgelopen 2,5 jaar ca. US$ 3.0 miljoen aan retainer fee en ongeveer US$ 900.000 aan kostenvergoeding. Bovendien ontvangt Lazard de komende maand bij de ondertekening een 'success fee' van 0.25% van de geherstructureerde schuld.
Duur prijskaartje
Hoewel Lazard internationaal goed aangeschreven staat, heeft het bedrijf zich in ons geval grovelijk verslikt. Begin 2021 kwam Suriname, op advies van Lazard met een korting eis, populair 'haircut' genoemd, van 70% van de totale schuld. Dit voorstel is zo buiten elke realiteit en is toen door de VES als 'indecent proposal' afgewezen, wederom met het verzoek om snel tot een realistische oplossing te komen. Zoals verwachtbaar is dit voorstel door de schuldeiser afgewezen, merkt Girdhari op. "Uiteraard is Lazard slechts de adviseur en dragen de regeerders van ons land de volledige verantwoordelijkheid voor dit resultaat. Echter voor dat bedrag zou je toch wel een betere inschatting mogen verwachten. Erger nog, na bijkans een jaar stilte komt de regering op advies van Lazard, met een aangepaste haircut van 40%. Dit is wederom afgewezen. Na wederom een jaar stilte is er nu eindelijk een principeakkoord met een realistische haircut van 25%, gecompenseerd met eventuele aardolieopbrengsten", zegt Girdhari. Terwijl het volk de zware offers heeft gebracht en protesteert tegen de toenemende armoede en nog meer offers zal moeten brengen, gaat de regering dit bedrijf nog als 'success fee' een golden handshake van US$ 2.2 miljoen meegeven.
De VES is blij met het akkoord, want indien het lukt om het IMF-traject welke men al meer dan 1 jaar heeft verlaten weer kan oppikken, kunnen wij weer wat geruster ademen. "Hoewel we het akkoord toejuichen, verdient het geen schoonheidsprijs, er hangt ook een hoog prijskaartje aan. Gezien het resultaat, had dit akkoord al eind 2020 bereikt kunnen worden. In plaats van zaken direct op te lossen was de regering toen bezig met Srefidensibonus, Kerstbonus, friends and family zaken en de wereld rondreizen. Zoals bekend is de schuld door de onzakelijke aanpak en het daardoor met ca. 2.5 jaar uitgestelde akkoord met US$ 229.2 miljoen verhoogd. Het positieve is dat we van deze 'oneigenlijke schuld' worden vrijgesteld indien de diepzeeaardolie niet in productie komt. Het is echter geen haircut of korting op de schuld, aangezien het gaat om de gemiste rente-inkomsten van de schuldeisers", voert Girdhari aan.