Het Congres van Paraguay heeft geweigerd het ontslag van president Santiago Peña te aanvaarden en zet de procedure voor zijn afzetting voort. De politieke crisis ontstond na de ondergang van Ueno Bank, een grote digitale bank die miljoenen klanten bediende en aanzienlijke bedragen aan publieke middelen beheerde. Peña wordt onder meer verweten dat hij onvoldoende toezicht heeft gehouden op de bank en mogelijk belangenverstrengeling heeft laten ontstaan. Hij ontkent onrechtmatig handelen.

Peña maakte donderdag 5 november bekend dat hij zijn functie neerlegde. Hij zei dat besluit te hebben genomen met het oog op de stabiliteit van het land, de maatschappelijke rust en het behoud van de democratische instellingen. Ook bood hij de bevolking zijn excuses aan voor eventuele tekortkomingen tijdens zijn presidentschap.

Zijn aankondiging kwam kort voordat het parlement zich over een afzettingsprocedure zou buigen. Het Huis van Afgevaardigden stemde vervolgens unaniem, met 78 stemmen voor en geen tegenstemmen, voor het in gang zetten van de afzettingsprocedure. Ook in de Senaat werd besloten de behandeling voort te zetten. Peña moet zich vrijdag tegenover de Senaat verantwoorden.

De gezamenlijke vergadering van beide kamers die het ontslag moest behandelen, verloor haar quorum nadat leden van Peña's eigen Colorado-partij de vergadering verlieten. Daardoor kon geen besluit over zijn ontslag worden genomen.

De politieke positie van Peña was eerder al verzwakt nadat invloedrijke partijleden hun steun aan hem introkken. Ook voormalig president Horacio Cartes, een belangrijke machtsfiguur binnen de Colorado-partij, sprak zich uit voor zijn afzetting. Cartes stelde dat de partij niet mag instemmen met het verdwijnen van publieke, private en pensioengelden.

Onderzoek naar belangenverstrengeling

De kwestie draait niet alleen om het faillissement van Ueno Bank, maar ook om de banden tussen de financiële instelling en de politieke top. Peña had tot maart 2025 aandelen in Grupo Vázquez, het moederbedrijf van Ueno. Hij zegt zijn belang destijds te hebben verkocht en ontkent een directe betrokkenheid bij de bank.

Tegenstanders stellen dat sprake kan zijn geweest van belangenverstrengeling en dat publieke en pensioengelden op onzorgvuldige wijze bij de bank terecht zijn gekomen. Ook wordt onderzocht of overheidsinstanties de problemen bij de financiële instelling onvoldoende hebben aangepakt of informatie daarover hebben achtergehouden.

De procureur-generaal heeft drie strafrechtelijke onderzoeken laten instellen. Die richten zich onder meer op het toezicht van de autoriteiten op Ueno, de afhandeling van de ondergang van de bank en de plaatsing van publieke middelen bij de instelling. Peña heeft verklaard zijn medewerking aan het onderzoek te zullen verlenen.

De kwestie heeft ook gevolgen voor de rechtspositie van de president. Volgens de Paraguayaanse grondwettelijke regeling kunnen voormalige presidenten die hun ambt verlaten senator voor het leven worden. Aan die positie zijn bepaalde juridische beschermingen verbonden. Bij een veroordeling in een afzettingsprocedure vervalt die mogelijkheid, waardoor Peña zich mogelijk zonder die parlementaire bescherming tegenover justitie moet verantwoorden.

Miljoenen klanten getroffen

De financiële crisis kwam aan het licht nadat de centrale bank van Paraguay ernstige tekortkomingen in de financiële administratie van Ueno had vastgesteld. Onderzoek wees op risicovolle leningen aan ondernemingen die banden hadden met de eigenaren van de bank. Ook waren uitgaven ten onrechte als activa geboekt.

Na correctie van de financiële cijfers bleek het eigen vermogen van Ueno minder dan de helft van het wettelijk vereiste minimum te bedragen. De centrale bank greep daarop in en zette een afwikkelingsprocedure in gang.

Ueno had naar eigen zeggen ongeveer 3 miljoen klanten in een land met circa 6,5 miljoen inwoners. De bank beheerde bovendien ongeveer 850 miljoen Amerikaanse dollar aan publieke middelen. Daaronder vielen ook gelden van overheidsinstellingen en pensioen- en gezondheidsfondsen.

Door de ingreep kwamen klanten tijdelijk niet bij hun spaargeld, betalingen en andere bankdiensten. Ook gepensioneerden die hun uitkeringen via Ueno ontvingen, werden getroffen.

De regering heeft inmiddels maatregelen genomen om de terugbetaling van tegoeden te versnellen. Een depositogarantieregeling moet de getroffen rekeninghouders binnen vijf werkdagen tegemoetkomen. De garantie bedraagt maximaal ongeveer 36.000 Amerikaanse dollar per klant. Volgens de centrale bank zou daarmee het volledige saldo van circa 97 procent van de klanten worden gedekt.

Bankbestuurders aangehouden
Het onderzoek naar de ondergang van Ueno heeft inmiddels ook geleid tot strafrechtelijke stappen tegen leidinggevenden van de bank. Justitie heeft 27 bankfunctionarissen en andere betrokkenen aangeklaagd wegens onder meer vertrouwensbreuk en poging tot fraude.

Een rechter heeft zes leidinggevenden, onder wie oprichter Miguel Vázquez en bankpresident Juan Manuel Gustale, in voorlopige hechtenis geplaatst. Twee anderen zijn onder huisarrest gesteld.