Hoewel het al een week is dat de nationale voetbalselectie van Suriname in Guatemala met 0-1 verloor van het thuisland, houdt de Concacaf Nations League-wedstrijd de gemoederen nog steeds bezig. Deels door de racistische spreekkoren, maar ook door de reactie van Natio-spelers. Met bondscoach Henk Fraser kijkt de Ware Tijd terug op een wedstrijd, waarvan ook na vandaag het laatste woord nog niet zal zijn gezegd.
Tekst Desney Romeo
Beeld Terence Oosterwolde
Volgens Fraser kan niemand ondertussen om het feit heen dat voetballers van Suriname al vaker worden gediscrimineerd en racistische opmerkingen naar hun hoofd krijgen toegeslingerd. “Hoe moeilijk het ook is en ondanks dat ik het begrijp, heb ik de spelers wel gewaarschuwd dat dit soort dingen zouden kunnen gebeuren”, geeft hij aan.
“Ik wil dolgraag met de trainers in Suriname gaan zitten en sparren. Ik kan van hen leren, ik kan ze aangeven wat ik heb ervaren, niet vanuit het oogpunt dat ik het beter weet, want dat is helemaal niet de insteek bij mij”
Voor de bondscoach snijdt het mes aan twee kanten. “Ik vind dat we echt wat moeten ondernemen om de discriminatie en het racisme in de kiem te smoren. Maar ik denk ook dat wij als sporters, in dit geval als Natio, niet moeten reageren, want wij gaan de strijd tegen de supporters niet winnen. Er is nog nooit een supporter geweest die een rode kaart kreeg”, klinkt het veelzeggend.
Fraser vindt dat spelers moeten beseffen wat er speelt. “Ik zeg: ‘choose your battles’ en dit is niet de battle die we moesten aangaan. Daarom baalde ik, omdat het invloed heeft gehad op het plan dat we hadden. Ik bracht (Richonell) Margaret juist voor het laatste gedeelte in, waarin we meer ruimtes gaan krijgen, want dat is een kwaliteit van hem. En dan heb je een heel ander verhaal.”
Volwassener aanpakken
De bondscoach zegt dat hij zaken anders zou hebben aangepakt. “Maar goed, ik ben zo opgevoed dat ik mijn zwakte niet moet laten zien, waar andere mensen van genieten, maar andere mensen hebben er meer moeite mee. Dit soort mensen, zij die apengeluiden en -gebaren maken … eerlijk gezegd: ik krijg de slappe lach daarvan. Ik lach ze gewoon uit. Ik heb weer andere triggers.”
Hij vindt het jammer dat spelers hebben gereageerd. “Ik denk dat we moeten beseffen dat we ze op die avond, aan het eind van die avond, allemaal hadden kunnen uitlachen, want we kwamen niet in gevaar met elf man. Zelfs met tien man had ik niet meer het gevoel dat het zou vallen. Maar je weet zelf; één keer zo een moment – een bal die verkeerd valt, in dit geval dat we niet op tijd uitstappen – kan cruciaal zijn en dat is helaas gebeurd.”
Drie keer gestraft
Gezien wat er is voorgevallen – een jaar terug tijdens de periode van bondscoach Stanley Menzo was Natio ook racistisch bejegend en werd El Salvador door de Fifa gestraft – werd Fraser gevraagd of de nationale voetbalselectie niet een mental coach nodig heeft. “Voetbal is nog steeds leidend en die mensen – als het nou een mental coach is, een diëtiste of een performance coach – moeten van toegevoegde waarde zijn en een toegevoegde waarde blijven. Ik ben dus een beetje voorzichtig daarmee. Ik ben niet negatief in relatie tot mental coaching, maar soms is het ook simpel common sense”, benadrukt hij.
De bondscoach herhaalt: “Wij kunnen die strijd tegen supporters nooit winnen, dus we moeten beseffen dat als je de mensen de mond sportief kan snoeren, dat de beste weg is om je te wapenen tegen dit soort zaken. Ik wil niet zeggen dat dit soort mensen hersenloos zijn, maar ik denk dat ze maximaal één hersencel hebben. Daar kan je niet tegen knokken.”
Aan de andere kant beaamt Fraser dat Suriname dit nu te vaak meemaakt. “De verschillende organisaties die daar wat aan zouden kunnen doen, moeten daadkrachtiger gaan optreden. Ik snap ook de problematiek voor hen, want wat ga je nou doen tegen dat soort mensen, vooral omdat het ten koste gaat van een grote groep.”
De bondscoach geeft eerlijk toe dat er in Guatemala voldoende mensen waren die hebben genoten van het spel van Suriname of de groep succes hebben gewenst. “Dus het zou heel raar zijn om heel Guatemala over één kam te scheren. Het is een groep mensen die moet worden aangepakt.”
Hij erkent ook dat mogelijk de Concacaf en de Fifa niet al te veel opties hebben. “Ik denk dat ze zijn gebonden aan mogelijkheden: geldboetes, wedstrijden zonder publiek … maar voor ons is het kwaad al geschied. We verliezen ook nog een speler, wat direct gevolgen heeft voor de wedstrijd en hoogstwaarschijnlijk worden spelers geschorst, wat ook begrijpelijk is, maar wij worden gewoon drie keer gestraft. Het loont blijkbaar om dit gedrag te vertonen”, verzucht Fraser.
Lokale spelers
Net als zijn voorgangers wordt ook deze bondscoach gevraagd over de kansen van lokale spelers om tot Natio door te dringen. In de huidige selectie was slechts Jonathan Fonkel, doelman van Robinhood, uit de lokale competitie. De rest van de (diaspora) voetballers is actief in (prof)competities in Europa en elders.
Fraser besloot na de wedstrijd tegen Guatemala naar Suriname te komen om persoonlijk enkele wedstrijden van de Suriname Major League (SML) bij te wonen. Hij was ook aanwezig bij het duel om de Presidents Cup tussen landskampioen Broki en bekerhouder Voorwaarts. “Ik wil namelijk voor eenieder een reële uitdaging creëren. Of dat mogelijk is, weet ik niet, maar ik vind wel dat ik de intentie moet hebben om een duidelijk beeld te hebben van de spelers van de SML. Soms kun je ze helpen door ze mee te laten trainen, soms kan je ze helpen door een paar minuutjes te laten pakken. Voor hun is de drempel dan misschien wat minder groot.”
Tijdens de afgelopen window liet de bondscoach Alierio Belfor en Franklin Singodikromo van Broki meetrainen. “Beiden hebben het naar behoren gedaan. Als zij voorbij die drempel zijn, wie weet wat zij nog meer kunnen brengen.”
Natuurlijk zijn er volgens hem zaken waarmee lokale spelers zullen moeten worden geholpen. “Er is namelijk een wezenlijk verschil, met name in het fysieke. Technisch, tactisch zal er ook een verschil zijn. Tactisch verwacht ik iets meer dan technisch. Technische vaardigheden hebben ze gewoon.”
Fraser is in elk geval helder over wat er moet gebeuren om meer SML-spelers of voetballers uit Suriname te krijgen in de selectie. “Je zal vanaf de jeugd een platform moeten creëren. De jeugd faciliteren … uiteraard zijn heel veel dingen gekoppeld aan financiën.”
Hij neemt Marokko als voorbeeld, maar geeft direct toe dat in dat land de koning er een paar miljoenen tegen aan gooit. “Ik kan in dat opzicht niet kijken hoe het hier is, dat weet ik niet, maar één ding weet ik wel: het begint uiteindelijk bij de jeugd. Als je doel is om spelers te richten dan ontkom je er niet aan om in de jeugd te investeren. Laten we eerlijk zijn: de jeugd heeft de toekomst.”
De bondscoach dringt aan op eenheid. “Verbinden is waar ik achter sta, als het op regerings- of bondsniveau is … we moeten elkaar gaan versterken in plaats van achterdochtig te zijn. Ik denk dat er heel veel mogelijkheden zijn in dit land, omdat wij van nature fantastische sporters zijn, niet alleen in voetbal.”
“Wij kunnen die strijd tegen supporters nooit winnen, dus we moeten beseffen dat als je de mensen de mond sportief kan snoeren, dat de beste weg is om je te wapenen tegen dit soort zaken”
Een ‘probleem’ in Suriname is dat er te veel eilandjes zijn. Daarom geeft hij als wijze raad mee: “In je eentje ga je vaak sneller, maar met meerdere mensen samen kom je verder. Dat is cliché, maar voor mij wel de realiteit.”
Fraser kijkt daarom uit naar samenwerking met de lokale coaches. “Ik wil dolgraag met de trainers in Suriname gaan zitten en sparren. Ik kan van hen leren, ik kan ze aangeven wat ik heb ervaren, of het nou in Nederland is of in China, niet vanuit het oogpunt dat ik het beter weet, want dat is helemaal niet de insteek bij mij.”
