President Jennifer Simons heeft tijdens het uitspreken van haar jaarrede harde taal gebruikt over kleine vliegtuigen die in het Surinaamse achterland landen en mogelijk betrokken zijn bij drugstransport. “Ik wil ze hier niet hebben. Ik wil geen drugsvliegtuigen in het achterland”, zei de president.

Simons zei dat haar informatie is voorgehouden over kleine vliegtuigen die in het binnenland landen en over de plaatsen waar zij vervolgens naartoe gaan. Ze maakte duidelijk dat zij die situatie niet wil laten voortbestaan. Volgens de president heeft zij dat ook rechtstreeks gezegd tegen vertegenwoordigers van een bevriende natie.

Waar de toestellen uiteindelijk naartoe vliegen, is volgens haar niet het belangrijkste punt. Voor Simons is de grens duidelijk: Surinaams grondgebied mag niet worden gebruikt door vliegtuigen die met drugstransport in verband worden gebracht. “Ik wil ze hier niet hebben”, zei zij. “Ik wil geen drugsvliegtuigen in het achterland.”

De president koppelde het probleem aan een groter gebrek aan zicht op wat zich in het binnenland afspeelt. Volgens haar kan de regering geen gestructureerd beleid voeren als zij onvoldoende informatie heeft over activiteiten in het achterland.

Simons trok daarbij een vergelijking met de goudsector. Ook daar is volgens haar meer structuur en controle nodig om te voorkomen dat de overheid pas in actie komt nadat ernstige problemen zijn ontstaan.

De president zei dat Suriname “de baas” moet zijn over het eigen grondgebied. Daarvoor zijn volgens haar betere informatie, sterker toezicht en een goede grenspolitiek nodig.