Minister Dirk Currie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur (minOWC) wil cultuur structureel integreren in het onderwijs. Volgens hem heeft het directoraat Cultuur de afgelopen jaren onvoldoende aandacht gekregen en moet bewustwording over cultuur en erfgoed al op jonge leeftijd beginnen.

“Als we veel meer aandacht willen schenken aan ons erfgoed, is het belangrijk dat we over de hele linie kunnen spreken over het belang van cultuur”, zegt Currie. Daarbij moet volgens de minister aandacht zijn voor alle elementen van de Surinaamse cultuur.

Jongeren moeten leren omgaan met de culturele diversiteit van het land en deze ook leren waarderen. Dat geldt zowel voor immaterieel als materieel erfgoed. Kinderen moeten bijvoorbeeld leren waarom historische gebouwen, monumenten en andere waardevolle plekken in de binnenstad van Paramaribo belangrijk zijn.

Cultuur moet dagelijks zichtbaar zijn
MinOWC wil via communicatie en voorlichting de bewustwording over cultuur vergroten. Ook moet er een cultuuragenda komen die toegankelijk is voor de samenleving. Volgens Currie mag cultuur niet alleen tijdens de jaarlijkse Heritage Month aandacht krijgen.

“Alles valt en staat met bewustwording. Het feit dat er een Heritage Month is, betekent niet automatisch dat mensen zich bewust zijn van hun cultuur en erfgoed. Het moet echt gaan leven in de samenleving.” Die bewustwording is volgens hem zelfs binnen het ministerie nog niet vanzelfsprekend.

Currie zegt dat het niet is gelukt iedereen, waaronder medewerkers van zijn secretariaat, ertoe te bewegen tijdens activiteiten iets cultureels te dragen. Volgens de minister is uiteindelijk een gedragsverandering nodig waarbij cultuur onderdeel wordt van het dagelijks handelen. Hij erkent dat dit een langdurig proces is.

Cultuur ook als economische sector
Currie wil daarnaast af van het idee dat cultuur uitsluitend geld kost. De sector moet volgens hem ook economisch rendement opleveren. “Er moet geld verdiend worden met cultuur. Wij moeten onze cultuur gaan waarderen”, stelt hij.

MinOWC wil hiervoor samenwerken met het ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme (TCT). Suriname beschikt volgens Currie over een grote culturele diversiteit die veel meer kan worden benut.

Hij verwacht dat het tijd kost voordat die culturele rijkdom breed wordt erkend en spreekt van een sneeuwbaleffect waarbij steeds meer mensen cultuur gaan uitdragen en waarderen.

Carifesta-rapport nog niet gepresenteerd
Het rapport over Carifesta van het afgelopen jaar is volgens Currie nog niet aan de samenleving gepresenteerd. De minister vindt dat herhaling en consistentie noodzakelijk zijn om blijvende resultaten te bereiken.

“De kracht zit in herhalen en consistentie. Dan zullen wij de vruchten daarvan kunnen dragen.” Currie vindt dat Suriname naast olie en gas nadrukkelijk andere economische sectoren moet ontwikkelen. Olie en gas zijn volgens hem eindige hulpbronnen, terwijl cultuur duurzaam van aard is.

“Wij praten allemaal over olie en gas, maar ook de andere sectoren moeten we ontwikkelen. Olie en gas gaan op. Daar moeten we ons ook bewust van zijn. De cultuursector is duurzaam van aard en daarin moet meer worden geïnvesteerd.”