Dat blijkt uit het rapport Staatsbegroting Suriname 2026: Integrale beleidsanalyse van begrotingsbeleid, duurzame economische ontwikkeling en de voorbereiding op de olie-economie opgesteld door Vincent Roep. De studie beoogt een inhoudelijke bijdrage te leveren aan het publieke debat over de kwaliteit van het begrotingsbeleid en de mate waarin de begroting bijdraagt aan de toekomstige economische ontwikkeling van Suriname.
De analyse verschijnt op een moment waarop Suriname de bereikte macro-economische stabilisatie en begrotingsdiscipline moet consolideren en tegelijkertijd voor de opgave staat om de beperkte begrotingsruimte doelgericht in te zetten voor duurzame economische ontwikkeling en de voorbereiding op de toekomstige olie-economie. Tegen deze achtergrond wordt de begroting niet uitsluitend als financieel instrument beoordeeld, maar ook vanuit de vraag in hoeverre zij voorwaarden schept voor duurzame economische transformatie en brede maatschappelijke welvaart. Deze benadering sluit rechtstreeks aan bij de centrale beoordelingsfilosofie van het rapport.
Voor het onderzoek zijn de Staatsbegroting 2026, de Begrotingsstrategie 2026, het Financieel Jaarplan 2026 en het Staatsschuldenplan 2026 systematisch geanalyseerd aan de hand van een geïntegreerd beoordelingskader, gebaseerd op internationale inzichten van onder meer het IMF, de Wereldbank, de OECD, de Verenigde Naties en het Natural Resource Governance Institute. Daarbij zijn zes hoofdcriteria gehanteerd: macro-economische stabiliteit en begrotingshoudbaarheid, sociale ontwikkeling en menselijk kapitaal, ondernemerschap, economische structuurversterking, goed bestuur en institutionele kwaliteit, en Local Content en voorbereiding op de olie-economie. Het rapport onderbouwt deze zes dimensies aan de hand van internationale literatuur over begrotingsbeleid en duurzame ontwikkeling in grondstofrijke economieën.

Volgens het rapport kan de Staatsbegroting 2026 worden gekarakteriseerd als een stabilisatiebegroting met duidelijke ontwikkelingsambities. Positief beoordeeld worden onder meer de aandacht voor begrotingsdiscipline, de verdere versterking van de overheidsfinanciën, investeringen in onderwijs, gezondheidszorg en sociale bescherming, de versterking van publieke instituties en de voorbereiding van het Spaar- en Stabiliteitsfonds Suriname. Deze elementen worden beschouwd als belangrijke voorwaarden voor duurzame economische ontwikkeling op langere termijn.
Tegelijkertijd constateert de analyse dat verschillende strategische voorwaarden voor duurzame economische transformatie nog slechts gedeeltelijk zijn uitgewerkt. Met name innovatie, digitalisering, productiviteitsgroei, ondernemerschapsontwikkeling, versterking van kleine en middelgrote ondernemingen (kmo’s) en economische diversificatie krijgen wel aandacht, maar zijn nog onvoldoende geïntegreerd in een samenhangende langetermijnstrategie.
Ook de aanwezigheid van meetbare prestatie-indicatoren en de in de begrotingsdocumenten herkenbare institutionele en organisatorische voorwaarden voor de uitvoering kunnen volgens het rapport verder worden versterkt. Daarmee blijft de formulering in overeenstemming met het ex-antekarakter van het onderzoek: feitelijke uitvoeringsprestaties zijn niet onderzocht.
Een belangrijk onderdeel van de studie betreft de voorbereiding van Suriname op de toekomstige olie-economie. De analyse waardeert positief dat institutionele voorbereiding zichtbaar is en dat aandacht wordt besteed aan het beheer van toekomstige olie-inkomsten. Tegelijkertijd wordt geconcludeerd dat Local Content, leveranciersontwikkeling, innovatie, vaardighedenontwikkeling en de koppeling tussen olie-inkomsten en economische diversificatie nog onvoldoende zijn uitgewerkt.

De studie sluit af met een oproep om de komende jaren de stap te zetten van financieel herstel naar een bredere economische transformatiestrategie. Daarbij worden verdere investeringen in menselijk kapitaal, innovatie, digitalisering, ondernemerschap, economische diversificatie, institutionele versterking en een effectief local-contentbeleid genoemd als belangrijke beleidsprioriteiten.
Volgens de auteur zal de toekomstige welvaart van Suriname uiteindelijk niet uitsluitend worden bepaald door de aanwezigheid van natuurlijke hulpbronnen, maar vooral door de kwaliteit van het begrotingsbeleid, de kracht van de publieke instituties en de mate waarin toekomstige olie-inkomsten duurzaam worden ingezet voor economische ontwikkeling en brede maatschappelijke welvaart.
Over de onderzoeker
Vincent Roep promoveerde in 2008 aan de Anton de Kom Universiteit van Suriname, waaraan hij inmiddels al decennia als onafhankelijk onderzoeker is verbonden. Naast het publiceren van wetenschappelijke artikelen begeleidt hij MSc-afstudeerstudenten van de studierichting Bedrijfskunde. Het zwaartepunt van zijn expertise en onderzoek ligt bij de ontwikkeling van kmo’s.
U kunt het gehele rapport hier downloaden.
Documenten: