PARAMARIBO — Digicel, dat behalve in Suriname actief is in 24 andere landen – voornamelijk in de Caribische en Midden-Amerikaanse regio – is in rustiger vaarwater gekomen nadat schuldeisers een aanzienlijk deel van de aandelen hebben overgenomen. Oprichter Denis O’Brien moest genoegen nemen met een minderheidsaandeel en heeft nu niet langer het zeggenschap over het bedrijf dat hij twintig jaar terug oprichtte.
Een consortium van drie schuldeisende bedrijven schreef 1,7 miljard US dollar af, waardoor de totale schuld daalde tot drie miljard US dollar. De schuldafschrijving is onderdeel van een herstructureringsprogramma dat het bedrijf weer op de rails moet krijgen. “De voltooiing van de herstructurering markeert een belangrijke mijlpaal voor het bedrijf, dat nu een substantieel versterkte kapitaalstructuur heeft, waardoor het gepositioneerd is voor succes op de lange termijn”, schrijft Digicel recent in een verklaring.
‘Met een eigen kabel wil Digicel meeliften op de zich ontwikkelende olie- en gassector.’
Het bedrijf bedient met vijfduizend medewerkers ongeveer tien miljoen klanten in 25 markten in het Caribisch Gebied en Midden-Amerika, maar worstelde jaren met een enorme schuldenlast, die op een gegeven moment een piek van zeven miljard Amerikaanse dollar bereikte. De enorme expansie sedert de oprichting heeft steeds plaatsgevonden via leningen en vrijwel niet via eigen investeringen, waardoor de schuld bleef oplopen.
Toekomstgericht
Het bedrijf voltooide in 2020 een eerdere schuldsanering, waarbij obligatiehouders 1,6 miljard US dollar afschreven en O’Brien injecteerde vijftig miljoen US dollar om zijn eigendom te behouden. Het mocht niet baten, want een tweede herstructurering bleek nodig, waarbij O’Brien wel nog in de raad van bestuur zitting heeft, maar niet meer de leiding heeft.
Ondanks de precaire situatie was het bedrijf toch al bezig te investeren in een nieuwe zeekabel die ondertussen in Guyana is geland en naar verwachting binnenkort ook in Suriname komt. Met een eigen kabel wil de onderneming meeliften op de zich ontwikkelende olie- en gassector.
De nieuwe verbinding moet het internetverkeer via dit bedrijf aanmerkelijk verbeteren, waardoor het de concurrentie met andere bedrijven aankan om aan de verwachte wensen van de oliebedrijven tegemoet te komen. Het is vooralsnog onduidelijk welke koers het bedrijf, dat zijn hoofdkantoor op Jamaica heeft, verder zal varen in een poging om ook financieel succesvol te zijn.