Expo ‘Esthersrust’: een schat aan informatie die moet worden behouden

Santosh Singh (r) geeft Cultuurdirecteur Roseline Daan (l) en historicus Maurits Hassankhan een rondleiding.
Shoeket logo

Bron: De Ware Tijd

23 Januari 2024 22:04

Voor mij lezen

“Ik dacht: ‘hoe ga ik dit vastleggen?’ Je moet letten op het getij, de muskieten zijn powerful en van hun kunnen we alles leren over teamwork. Maar ook vastzitten in de modder is een gevaar.” Zo vat archeoloog Santosh Singh de moeilijke omstandigheden samen waaronder hij en studenten van de Anton de Kom Universiteit en van de Universiteit Leiden archeologisch onderzoek hebben gedaan op de voormalige katoenplantage Esthersrust aan de Warappakreek in district Commewijne.

Tekst en beeld Tascha Aveloo

Dit onderzoek heeft onder meer geresulteerd in een expositie die zaterdag in het Nationaal Archief Suriname is geopend. Met onder meer slides, filmpjes en foto’s krijgen bezoekers een beeld van de reis naar de plek en het onderzoek. Te zien is hoe de deelnemers aan de expeditie zich in het duister van de vroege ochtend met grote schijnwerpers een weg banen te midden van de lianen. Dronebeelden laten de hele oppervlakte zien van de vindplaats en foto’s’ tonen enkele vondsten, zoals keramiek, delfstblauw en flessen.

Hilde Neus, curator van de expo, noemde het onderzoek prijzenswaardig vooral door de moeilijke omstandigheden waaronder het is gedaan. Bas Spek van het Bakkie Museum vertelde dat hij eerder naar Esthersrust, in de volksmond Skassi, was geweest, maar dat er een punt was waar hij duidelijk zag dat er steeds meer naar boven kwam. “Je zag irrigatie bedden, funderingen van huizen. Toen dacht ik: ‘dat is niet meer iets dat ik zelf kan doen, maar dat formeel moet worden opgepakt’.”

Spek: “Interessant lijkt mij om verhalen die men zich nu nog kan herinneren op schrift vast te leggen. Met het directoraat cultuur is afgesproken dat de artefacten (heel oude voorwerpen of delen ervan) die door mensen zijn gemaakt na deze expo permanent in het Bakkie Museum zullen worden tentoongesteld.” De studenten die het onderzoek deden, verbleven op Bakkie en Spek heeft zelf meegemaakt hoe zij hard hebben gewerkt, geplaagd door met zwermen muggen, in de verzengende hitte.

Nationaal archeologisch monument

Singh vertelde over zijn masterstudie in Leiden en het project met de studenten. De archeoloog heeft met subsidie van het Dr. Sylvia de Groot Fonds, plantage Esthersrust verder onderzocht, schreef zijn thesis en behaalde in september 2020 zijn mastertitel in Archeologie. Het doel van zijn onderzoek was om de exacte grenzen van de plantage vast te leggen, zodat het gebied gaandeweg een beschermde status als nationaal archeologisch monument van Suriname kan krijgen.

Hij vertelde hoe overrompeld hij was door de schoonheid van de plek, maar ook de mogelijkheden die er waren voor onderzoek toen hij in 2019 met Spek ernaar toeging. Singh liet een korte docu over de plek zien, die is gemaakt door de studenten. “We weten dat plantages daar hebben gestaan, maar we weten nog te weinig over de fysieke omstandigheden daar. Dat maakt Esthersrust als een raam naar de geschiedenis.”

Esthersrust bevindt zich tussen twee modderbanken die wel vijf meter dik zijn. De plek heeft te lijden onder erosie. Het tweede grote gevaar is het verwijderen van artefacten van de site. “Dit vormt een probleem, omdat daarmee waardevolle informatie verloren gaat. Het is deel van onze geschiedenis en onze identiteit. Daarom moet het worden beschermd”, stelt Singh.

Besef

De studenten die hebben deelgenomen aan het project hebben verteld hoe zij het onderzoek hebben ervaren en hoe het hun heeft beïnvloed. Singh stelde tenslotte dat studenten moeten worden geholpen om hun doelen te bereiken, want alleen met hulp is dat mogelijk.

Cultuurdirecteur Roseline Daan, die de expo opende, riep enkele bekende werkers uit het geschiedenis- en archeologische veld naar voren en sprak daarbij over hun belangrijke bijdrage aan het behoud van het Surinaamse erfgoed. “De vraag is of men wel het belang van erfgoed, archeologie, museum- en archiefwezen beseft. Er moet daar drastische verandering in komen.”

Volgens haar is ook voor de districtscommissarissen een taak weggelegd. Zij moeten namelijk voorkomen dat artefacten worden weggedragen uit hun district. Archeologe Irene Meulenberg van de Archeologische Dienst van het directoraat Cultuur gaf aan dat burgers gevonden artefacten ‘liever moeten laten liggen’ waar ze zijn gevonden. “Ga het melden aan de dc, die contact met ons kan opnemen, dan komen we kijken. Die afspraak hebben we met grote bedrijven en ze doen het.”

Ze zei ook dat wie iets bijzonders vindt op zijn erf of waar dan ook moet beseffen dat artefacten eigendom van de staat zijn. “Ze zijn niet altijd financieel waardevol, maar des te meer voor onderzoek en kennisvergaring. En die waarde heeft geen prijskaartje.”

Op het einde van het Staatstoezicht in 1873 was Esthersrust één van de weinige katoenplantages die in Suriname nog bijna in volle werking was. Er waren een goed onderhouden installatie voor het schoonmaken en scheiden van de zaden, een machine met stoomketel, uitpluis-cilinder, zaadverzamelaar en een pers. Maar elk jaar waren er minder ‘vrije negers’ beschikbaar. Bovendien was de katoenprijs internationaal ingezakt en kon het arbeidsloon absoluut niet worden verhoogd. Daarom moest ook Esthersrust uiteindelijk worden opgegeven.

Bekijkt origineel bericht ⇒

Meer actueel