Minister Ramdin: ‘Accreditatie Palestijnse ambassadeur kan nog niet’

Hoewel Suriname vindt dat accreditatie van een Palestijnse ambassadeur niet kan, beaamt Bibis-minister Albert Ramdin dat er formele betrekkingen worden onderhouden met de Palestijnse Autoriteit. [Foto: dWT archief]
Shoeket logo

Bron: De Ware Tijd

13 Januari 2024 05:54

Voor mij lezen

door Ivan Cairo

PARAMARIBO — Accreditatie van een Palestijnse ambassadeur door Suriname is volgens minister Albert Ramdin van Buitenlandse Zaken, International Business en Internationale Samenwerking (Bibis) nog niet mogelijk. Dit omdat Palestina nog niet als zelfstandig land is aangemeld bij de Verenigde Naties (VN).

Vanwege die status heeft Palestina geen permanente vertegenwoordiger bij de Intergouvernementele organisatie, maar een permanente waarnemer, zegt Ramdin in gesprek met de Ware Tijd. De Palestijnse Autoriteit, die geldt als de officiële regering van Palestina, probeert al enkele jaren een ambassadeur in Suriname aan te stellen, maar Paramaribo houdt de boot af.

“Als je nog geen land bent, kan ik geen diplomatieke betrekkingen met je aangaan”

Palestina wel erkend

In diplomatieke kringen wekt deze houding van Suriname bevreemding, omdat de regering in de eerste week van februari 2011 Palestina binnen de grenzen van 1967 formeel heeft erkend als onafhankelijke staat. Toenmalig president Desi Bouterse deelde dit per brief mee aan de president van de Palestijnse Autoriteit, Mahmoud Abbas, en de VN.

Ramdin: “Palestina is als staat niet geaccepteerd in de Verenigde Naties. Het is dus nog geen land; het is een territoir. Dat is een belangrijk verschil. Daardoor heeft Palestina in de Verenigde Naties geen permanente vertegenwoordiger, maar een permanente waarnemer. Dat geeft ook een andere status aan.” Dit is volgens hem reden genoeg voor de huidige regering om het standpunt te huldigen “als je nog geen land bent, kan ik geen diplomatieke betrekkingen met je aangaan”.

Formele betrekkingen

Ramdin beaamt dat Suriname de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie ziet als de officiële “autoriteit die namens het Palestijnse volk mag praten”. Suriname onderhoudt dus wel formele betrekkingen met de Palestijnse Autoriteit.

Volgens de bewindsman zijn er meerdere gebieden en koninkrijkjes die regelmatig verzoeken sturen naar de regering om hen formeel te erkennen. Voor de regering is belangrijk dat territoirs die dit verlangen, formeel zijn toegelaten tot de VN en geregistreerd zijn als land.

In 2018 richtte Palestina een verzoek aan de regering om agrément te verlenen aan de voor Suriname aangewezen ambassadeur. In september 2022 werd opnieuw zo een verzoek gedaan.

Ramdin zei in oktober tegen de Ware Tijd dat het niet eenvoudig is om agrément te verlenen aan een officiële diplomatiek vertegenwoordiger van de Palestijnse staat. Om tot een definitief besluit te komen, zou allereerst worden gekeken naar de internationale context. Voor de president zou een advies ten aanzien van toestemming voor een Palestijnse ambassadeur worden voorbereid, werd toen gezegd.

Bekijkt origineel bericht ⇒

Meer actueel