Dure oplichting van het volk – OMO-constructie

President Santokhi, Financiënminister Stanley Raghoebarsing en CBvS-governor Maurice Roemer op 11 augustus tijdens een onderhoud met de IMF-delegatie.
Shoeket logo

Bron: De Ware Tijd

18 December 2023 22:04

Voor mij lezen

Het volk heeft vorige week in het parlement het schokkende bericht van de minister van Financiën en Planning mogen vernemen dat de ongebreidelde geldschepping van de OMO-veilingen heeft gezorgd voor ernstige verstoringen in onze economie. De inflatie, koers- en prijsstijgingen zijn door ernstige tekortkomingen van de monetaire autoriteiten omschreven als “dure leergelden”. Door de OMO-operaties is over de ruggen van het volk de staat voor het grootste bedrag ooit, SRD 4,5 miljard, op grove wijze benadeeld door machtsmisbruik, oplichting en zelfverrijking.

Als dat nog niet genoeg is, kondigt de minister in het parlement ook nog aan dat het volk zal opdraaien voor de dure leergelden van het monetaire debacle. Ook de governor van de Centrale Bank van Suriname (CBvS) reageert in een perscommuniqué dat de bank en de staat de verliezen zullen dragen. Wie nog niet is ontwaakt uit deze flagrante verbazing met wat hiermee wordt bedoeld, even ter verduidelijking.

“De president heeft de eindconclusie van de commissie OMO niet geaccepteerd, terwijl hij de consequenties duidelijk voor ogen had”

Via de OMO-veilingen is tot nog toe SRD 4,5 miljard aan rente uitbetaald door de CBvS aan de diverse commerciële banken. Ons spaargeld en onze stortingen bij de banken is door de banken oneigenlijk gebruikt om te speculeren op de OMO-veiling. De absurd hoge en zeer ongebruikelijke rentevergoedingen hebben de banken puur op basis van eigen gewin gepleegd voor het realiseren van extreme winsten en dividenden voor de aandeelhouders.

Als dit niet genoeg is, worden de verliezen door de CBvS gedragen. Echter, doordat de CBvS de inkomsten niet heeft, zal de staat (lees het volk van Suriname), dus ook wij als rekeninghouder van toevertrouwde middelen, wederom worden misbruikt om voor deze grove verliezen op te draaien. Het staatsinkomen is door de ‘dure leergelden’ verminderd, de particuliere banken zijn grof bevoordeeld en de minister van Financiën en Planning gaat nu de benadeling bij het volk terug halen!

Hoe komen we hier nu eigenlijk?

In februari 2021 zei de president dat er maatregelen zouden komen met betrekking tot koersdaling en –stabiliteit, maar hij gaf aan dat hij moest wachten tot er overeenstemming was met het Internationaal Monetair Fonds (IMF), voordat deze maatregelen konden worden ingezet .Toen dat akkoord was bereikt, gaf de toenmalige minister van Financiën en Planning (Armand Achaibersing, … red.) toestemming aan de CBvS om onder meer OMO-veilingen in te zetten.

Op zich niets mis mee als de rentes niet zo hoog waren. Eind december 2021 was de hoogste rente 98 procent, wat buiten alle normale maatstaven gaat. In diezelfde periode hebben verschillende parlementariërs, nationale en internationale instanties en deskundigen in de media gewaarschuwd dat de rentes bij de OMO-veilingen absurd hoog waren en dat dit regeringsbesluit met betrekking tot de koersstabiliteit een vorm van fraude zou kunnen inhouden.

Welke maatregelen nam de regering hierop?

  • Er werd een presidentiële commissie ‘OMO’ ingesteld die de veilingen moest onderzoeken
  • Het monetaire instituut maakte daarna gebruik van het recht van de CBvS om geld te laten bijdrukken, om deze OMO-operaties te kunnen blijven financieren.
  • De noodwet heeft men door laten lopen tot augustus 2022.
  • Een aangepaste Bankwet werd aangenomen in het parlement. In deze nieuwe Bankwet is de strafbepaling van artikel 27, met betrekking tot overtreding van monetaire financiering (voorheen artikel 21 Bankwet 1956), verwijderd. De taken van de CBvS zijn gewijzigd, waarbij artikel 9f is verwijderd. Dit artikel hield in het ‘bevorderen van een evenwichtige sociaal-economische ontwikkeling van Suriname’, waarin groei en rechtvaardige verdeling van onze natuurlijke rijkdommen onder het volk, de meest op de voorgrond tredende doelstellingen zijn. Memorie van toelichting pagina 76 Bankwet 6 augustus 1981 decreet SB 121.

Beschouwing van de open markt operations

Op 30 december 2022 presenteert de commissie bestaande uit Jim Bousaid (huidige regeringscommissaris bij de CBvS), Stanley Raghoebarsing (huidige minister van Financiën en Planning) en Glenn Gersie (gewezen governor van de CBvS) haar bevindingen in het rapport ‘Beschouwing van de Open Markt Operaties’. Een 36 pagina’s tellend rapport met aanbevelingen en zeer ernstige verwijten en vernietigende conclusies met indicaties van strafbare handelingen.

Kortom, de commissie is overduidelijk in haar schrijven aan de president: ‘De OMO-rente kan niet worden beschouwd als een evenwichtige marktconforme rente.’ Het is zoals gezegd veel te ver doorgeschoten; ‘De hoge OMO-rente wordt uitbetaald ten laste van de Centrale Bank van Suriname die daardoor enorm hoge en absurde verliezen als gevolg heeft en de solvabiliteit van de CBvS zwaar hebben aangetast.’; ‘Daarnaast heeft de CBvS normaliter geen inkomsten die zulke hoge rentetarieven kunnen rechtvaardigen.’; ‘De banken gebruiken hun machtspositie zodanig dat de extreem hoge rentes onveranderd bleven en zichzelf hiermee verrijken ten koste van de staat. De banken aan de aanbodzijde hebben daar grof misbruik van gemaakt.’

Als reactie op dit rapport komt zelfs een communiqué uit van de CBvS in april 2023, naar aanleiding van opnieuw een golf van maatschappelijke onrust over de OMO-operaties, met als kop ‘OMO’s conform overeenkomst met het IMF’.

Wat voor zin heeft onderzoek van een presidentiële commissie als de uitslag door de hele regering niet wordt geaccepteerd? Ter verduidelijking: op 1 oktober was het bedrag dat de CBvS uitbetaalde aan OMO-rente SRD 3,7 miljard en in twee maanden tijd is dat gegroeid naar SRD 4,5 miljard. De minister wist dus al heel lang dat dit prijskaartje niet kon worden gedragen door de CBvS en dat de staat ernstig wordt benadeeld. Nu geeft hij aan dat de samenleving dit bedrag gaat betalen met ons geld dat wij aan de banken hebben toevertrouwd. Schandalig gewoon!!

Door de OMO’s van de Centrale Bank van Suriname wordt er duur leergeld betaald, zei Financiënminister Stanley Raghoebarsing in het parlement.

Strafbare handelingen en het schaden van ons vertrouwen in de financiële sector

Dat er sprake is van strafbare feiten en handelingen die het daglicht niet verdragen wordt nog meer bevestigd door parlementariër Asiskumar Gajadien onlangs op DTV (zaterdag interactief) en in het parlement. Ook het rapport van de presidentiële commissie is duidelijk: machtsmisbruik, zelfverrijking, eigen gewin, onrechtmatige bevoordeling en ernstige benadeling van de staat.

De minister van Financiën en Planning doet geen aangifte bij de procureur-generaal, waarschijnlijk omdat hij zelf medeplichtig is. Hij geeft namens de regering de opdracht aan de governor van de CBvS voor regeringsmaatregelen voor koersstabiliteit en niet andersom.

Denk hierbij aan onder meer artikel 13 lid 1 en 2 van de anticorruptie wetgeving, titel XXV, bedrog artikel 386, et cetera, omdat de banken zich bewust hebben verrijkt met staatsmiddelen ten nadele van de staat.

De president heeft de eindconclusie van de commissie OMO niet geaccepteerd, terwijl hij de consequenties duidelijk voor ogen had. Hij heeft twee van de commissieleden hoge functies aangeboden. Dat de governor in april 2023 de OMO-operatie nog wil goedpraten is ook uit den boze en dat de raad van commissarissen van de CBvS als controlerend orgaan dat heeft toegelaten is helemaal niet te begrijpen.

Dat kan een vorm worden genoemd van oogluikend toekijken hoe in vereniging een criminele daad van machtsmisbruik en zelfverrijking plaatsvindt wanneer de regering de uitslag van de presidentiële commissie al maanden weet.

Welke maatregelen gaat De Nationale Assemblee, als hoogste staatsorgaan, nemen tegen dit wanbeleid? De coalitieleden mogen nu niet meer zwijgzaam hun politieke leiders volgen anders kunnen ook zij strafbaar worden bevonden na onderzoek door het Openbaar Ministerie. Want dat er een onderzoek moet worden ingesteld door de procureur-generaal daar kan niemand meer aan twijfelen.

Dat het volk de dupe is van dit wanbeleid is overduidelijk. Er wordt gespeculeerd met spaargeld van het volk, dat de dupe is van deze ernstige benadeling van de staat door ‘duur leergeld.’ En dan wil men het tekort aan staatsinkomen nog op het volk verhalen. Wie zal hiervoor verantwoordelijk worden gesteld, is nu de vraag.

Marie-Louise Vissers (Advies, consultatie en politiek development bureau Mawini)

[email protected]

Bronnen:

Bekijkt origineel bericht ⇒

Meer actueel