Niemand kijkt er meer van op dat president Chandrikapersad Santokhi weer eens een team heeft ingesteld. Het is zijn manier om de samenleving op het verkeerde been te zetten en zijn eigen falen te verhullen. De ‘Structuur en communicatielijnen met betrekking tot de nationale dialogen’ is daar een typisch voorbeeld van. Terwijl die mislukte dialoog in feite door vrijwel iedereen tot een dood paard was verklaard.
Tekst Armand Snijders
Beeld CDS
Eigenlijk had het staatshoofd onlangs al toegegeven dat de nationale dialoog op een complete mislukking was uitgelopen. Hij had na de rellen op ‘Black Friday’ 17 februari deze dialoog aangekondigd als dé oplossing voor veel problemen in het land. De regering zou met maatschappelijke groepen praten om de specifieke noden aan te horen, in de hoop herhaling van 17 februari te voorkomen.
Maar toen hij eerst wekenlang honderden zogenaamde voorgesprekken voerde “ter voorbereiding op de nationale dialoog” lag het al voor de hand dat dit initiatief weinig op zou leveren. Het waarom van die voorgesprekken begreep niemand. Zelfs binnen zijn eigen VHP leidde dat tot verwarring. Volgens Santokhi moesten de verslagen van die zogeheten pre-dialogen worden samengevat en gebundeld en vervolgens als leidraad moeten dienen voor de daadwerkelijke nationale dialoog.
“De samenwerking tussen de teams zal plaatsvinden middels een structuur, waarbij de interne monitoring zal gaan vanuit een clusterteam, dat is samengesteld door de president”
Veel organisaties haakten bij voorbaat al af. Onder meer de progressieve vakcentrale C-47, de Vereniging van Economisten in Suriname, politieke partij DOE en het Burgerinitiatief voor Participatie en Goed Bestuur (Bini) bedankten de president voor de uitnodiging, maar sloegen deze beleefd af. Zij hadden geen zin om hun tijd te verdoen om voor de zoveelste keer tegen een presidentiële muur te praten, terwijl er niets met hun adviezen wordt gedaan.
Geïnstitutionaliseerd
Desondanks ging Santokhi wel met andere groepen in gesprek met de bedoeling uiteindelijk tot die nationale dialoog, die vooral hij omarmde, te komen. Maar die dialoog kwam er uiteindelijk dus niet meer. In plaats van die geflopte dialoog zouden er “structuren” komen “die de uitvoering van het beleid zullen monitoren; het wordt geïnstitutionaliseerd in een monitoringsteam”, zei de president onlangs.
En dat werd dus de ‘Structuur en communicatielijnen met betrekking tot de nationale dialogen’, die is samengesteld uit het coördinatieteam, het monitoringsteam en de clusterministers. Het monitoringsteam staat onder leiding van Alven Roosveld. Hij was eerder directeur van de Communicatiedienst Suriname (CDS), maar werd daar op een gegeven moment weggejaagd omdat hij verantwoordelijk werd gehouden voor bepaalde misstanden en de onwerkbare situatie die daar heerste.
Daarna werd hij woordvoerder van de president, die hem ook daarvoor al na een paar maanden bedankte. Echter, Santokhi kon hem niet zomaar aan de kant schuiven, ondanks dat hij niet aan de verwachtingen voldeed. Immers, Roosveld maakt deel uit van het omvangrijke hoofdbestuur van de VHP. En dan geldt de ongeschreven regel dat je te allen tijde moet worden ingezet en zeker niet brodeloos mag worden gemaakt. Dus na een jaar vond de president een nieuwe klus voor hem in de vorm van voorzitter van het monitoringsteam.
Drie groepen
Het heeft er in ieder geval alle schijn van dat de drie groepen – het coördinatieteam, het monitoringsteam en de clusterministers – in elkaars vaarwater gaan zitten en de uitvoering van het actieplan gaan frustreren en vertragen. Er zijn maar weinig mensen die door de veelheid van al die beëdigde presidentiële groepen snappen wat de president daar allemaal mee wil bereiken.
Hij zelf zegt wel te weten wat het Roosveld-team moet doen. “De samenleving heeft tijdens de pre-dialoog helder aangegeven waar de regering de prioriteiten moet leggen en wat anders moet worden gedaan. Ook wat de gemeenschap irriteert, is aan de regering kenbaar gemaakt. De inzichten van de burgerij zijn vervolgens vertaald in een actieplan van activiteiten en maatregelen waar voor de uitvoering al geld is.”
Pertinente leugen
Santokhi zegt nu dat de regering “na de nationale dialoog niet heeft stilgezeten”. Daarmee impliceert hij dat die dialoog is afgerond. Maar ruim een maand geleden zei hij in een interview met de Ware Tijd nog dat de nationale dialoog niet door zou gaan. Kennelijk wist hij ook niet meer hoe de zaak verder aan te pakken na de pre-dialogen.
Hij vond het schijnbaar genoeg om op basis daarvan het beleid op te stellen voor de korte tijd die zijn regering nog rest. Maar dan moet hij nu niet beweren dat de nationale dialoog zoals hij die in eerste instantie voor ogen had, is afgerond. Dat is een pertinente leugen.
Ook Roosveld lift mee met het leugentje van zijn broodheer. “Er is behoefte ontstaan vanuit het kabinet van de president om het beleid dat samen met de input vanuit de nationale dialoog is gemaakt te verduidelijken”, benadrukt hij tegenover de CDS. Op basis daarvan zal de monitoring plaatsvinden, zodat de problemen vanuit de samenleving kunnen worden opgepakt.
Om het allemaal nog onbegrijpelijker te maken, wordt in het bericht van de CDS gemeld dat ‘de samenwerking tussen de teams zal plaatsvinden middels een structuur, waarbij de interne monitoring zal gaan vanuit een clusterteam, dat is samengesteld door de president’. Verder wordt gezegd dat er behoefte is ontstaan vanuit het kabinet van de president “om het maatschappelijk middenveld meer inspraak te laten hebben in het beleid van de regering.
Op basis daarvan is het team geïnstalleerd, welke vanuit het maatschappelijk middenveld zijn bijdrage zal leveren bij het uitzetten van het regeringsbeleid”. Dit is onbegrijpelijke politieke taal, die de meeste burgers het verstand ver te boven gaat. Maar die er eigenlijk op neerkomt dat dit waarschijnlijk ook tot niets zal leiden. Immers, het trekken aan een dood paard heeft heel weinig zin.