door Ricky Wirjosentono
PARAMARIBO — “Ik heb besloten mee te doen nadat ik merkte dat de wereldkampioen zou deelnemen en ik dus wist dat het een ijzersterk toernooi zou worden. Eigenlijk was mijn primaire drijfveer om de andere deelnemers te bewijzen dat Suriname nog altijd erbij moet worden gerekend.” Dit zegt Federatiemeester Arwien Bhagwandas (22) tegen de Ware Tijd na te hebben deelgenomen aan het wereldkampioenschap sneldammen in Polen.
Hij verduidelijkt zijn standpunt: “De Europeanen hebben altijd een iets mindere kijk op de Pan-Amerikaanse regio. Er werden eerder zelfs uitspraken gedaan dat wij de titels op de markt kopen. Ik zag dit toernooi daarom als een goede gelegenheid om te laten zien dat wij in Suriname potentie hebben.” Overigens, de dammer woont tegenwoordig in Nederland, waar hij de studie tot civiel ingenieur volgt. Hij is bezig met zijn masteropleiding en hoopt snel af studeren. “Ik ben al bezig werk te zoeken dat past bij mijn studie.”
“Als het mij niet lukt om Suriname naar de top te brengen, moet ik anderen wel die mogelijkheid kunnen bieden”
Leerrijk
Het is de eerste keer dat Suriname aan het WK-sneldammen heeft meegedaan, zegt Bhagwandas. Het toernooi is gewonnen door de Nederlandse grootmeester en wereldkampioen Jan Groenendijk. Tweede werd zijn landgenoot Martijn van IJzendoorn en derde Artem Ivanov uit Ukraïne. Ook Van IJzendoorn en Ivanov zijn internationaal grootmeesters (IGM’s).
Het merendeel van de deelnemers waren Europeanen, die kwalitatief beter zijn dan spelers van de andere continenten. Bhagwandas wist dat het toernooi op een heel hoog niveau zou zijn en greep de gelegenheid aan meer te leren. Van de 74 deelnemers waren negen IGM’s, vier waren Internationale Meesters (MI), vijftien waren FM’s en en twee kandidaat-FM’s.
Hij is niet ontevreden over zijn zeventiende plaats in het mondiale evenement. De Surinamer won vier partijen (van Ivan Fidyk, Matviy Rozkoshenko, Matteo Fortunato en Lukasz Zielinski), speelde drie remise (tegen Vasyl Pikiniar, Mateusz Stanczuk en Artur Tunkevic) en verloor er twee. “Ik ben bijvoorbeeld uitgekomen tegen spelers met wie ik in 2014 heb gespeeld en toen was ik een kleintje voor hen. Nu heb ik tegenstand kunnen bieden, waarbij ik dichtbij winst was. Het werd helaas remise. Maar dit laat zien, dat ik ben gegroeid. Ik ben misschien nog niet waar ik moet zijn, maar het bewijst dat de stappen die ik maak goed zijn.”
Hij geeft aan dat hij heeft geprobeerd om beheerst te spelen. “Ik concludeer dat mijn speelstijl kwalitatief beter is geworden. Wat mij een extra goed gevoel gaf, is dat enkele toppers naar mijn wedstrijden kwamen kijken en mij vlak na afloop tips gaven voor komende partijen.”
Bhagwandas (FMJD-rating 2119) verloor zijn twee ontmoetingen tegen spelers uit Litouwen, te weten Valentin Golubajev in de eerste ronde en Vaidas Stasytis in de voorlaatste, achtste ronde. “Van deze partijen heb ik veel geleerd, omdat de spelers tot het uiterste moesten gaan. Ik heb negen wedstrijden gespeeld die ik leerrijk mag noemen.”
Van zijn tegenstanders hadden Golubajev (2150), Pikiniar (2163), Stanczuk (2124), Tunkevic (2179) en Stasytis (2177) een hogere rating dan hem. Fidyk en Rozkoshenko hadden geen ranking, terwijl Fortunato (2040) en Zielinski (2011) een rating lager dan de Surinamer hadden.
Droom
Nu hij ouder is, kijkt de dammer enigszins anders tegen zijn sportcarrière aan, maar zet hij zijn droom toch niet helemaal uit zijn hoofd. “Toen ik pas startte met dammen was mijn doel ooit wereldkampioen te worden, maar ik moest wel realistisch blijven. Ik ben een Surinamer, waarom moet ik dromen om een wereldtitel te halen?” vroeg hij zich wel eens af. Hij gaf daar dan zelf antwoord op: “We hebben geen meerjarenplan. Suriname heeft niet alles voor elkaar om mijn droom waar te maken.”
Toch geeft hij er blijk van na zijn Polen-avontuur weer te geloven in die droom. “Door op zo een sterk toernooi zeventiende te worden, heb ik ingezien dat ik mijn droom niet moet opgeven. Mijn deelname heeft alleen maar positieve effecten gehad. De zeventiende plek is toch niet ver van nummer één van de wereld. Ik weet dat Suriname de nodige potentie heeft om wereldtitels te behalen bij dammen.”
Wat Bhagwandas nu zeker weet is dat Suriname meer stappen vooruit zal boeken. Hij baalt dat hij vaker het volkslied moest aanhoren van andere landen tijdens het toernooi. “Een dag wil ik het Surinaamse volkslied horen door kampioen te worden. Ik ben nu meer dan ooit gemotiveerd. Ik wil ook jeugdigen opleiden. Als het mij niet lukt om Suriname naar de top te brengen, moet ik anderen wel die mogelijkheid kunnen bieden.”