PARAMARIBO — Tegenover de Communicatiedienst Suriname (CDS) stelt minister Stanley Raghoebarsing van Financiën en Planning dat de regering-Santokhi het land geenszins opzadelt met schulden. “Er is geen sprake van dat Suriname wordt overladen met leningen”, garandeert hij.
De afgelopen periode maakte de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (IDB) bekend dat ze leningen aan Suriname heeft verstrekt: op 11 december 150 miljoen US dollar om het openbaar bestuur en het transparantiebeleid te ondersteunen, op 1 december twintig miljoen US dollar ter versterking van de capaciteit van het statistische systeem, terwijl er een project wordt voorbereid ter ondersteuning van het ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur bij het versterken van het onderwijs in Engels als tweede taal, het uitbreiden van de connectiviteitsopties voor alle scholen en het opbouwen van de capaciteit van leraren op het gebied van digitale vaardigheden en nieuwe pedagogiek. Daarvoor wordt veertig miljoen US dollar via een lening beschikbaar gesteld. In de derde week van november werd overeengekomen dat er, verspreid over vijf jaar, 340 miljoen US dollar beschikbaar wordt gesteld voor onder meer fiscaal beleid, infrastructuur en gezondheidszorg.
“Er is geen sprake van dat Suriname wordt overladen met leningen”
Financiënminister Stanley Raghoebarsing
Op 12 december liet het ministerie weten dat de leningen een aflossingsvrije periode van 5,5 jaar hebben, een uitvoeringsperiode van respectievelijk één en vijf jaar en een aflossingsperiode van twintig en 25 jaar. De rente zal liggen tussen 1 en 2 procent per jaar.
Het departement benadrukte toen al dat de leningen van 1 en 11 december door het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en het Bureau voor de Staatsschuld zijn beoordeeld en dat Raghoebarsing goedkeuring heeft verkregen om ze aan te gaan.
Begrip voor ‘ongerustheid’
De bewindsman onderstreepte tegenover de CDS dat de leningen zitten “in het framework dat we met het IMF bespreken”. “Het IMF is op de hoogte en heeft ze ook samen met ons doorberekend.”
Hij merkte op dat mensen zich terecht afvragen of de regering niet te veel leningen neemt. “Maar het belangrijkste is dat je leningen goed besteedt en investeert in ontwikkeling van sectoren.” Volgens hem worden er niet onbezonnen leningen genomen om de middelen vervolgens op te maken aan lonen of luxe.
Adriana La Valley, IDB-vertegenwoordiger voor Suriname, zei tegen de CDS dat het land op het juiste spoor is en door de IDB wordt ondersteund met financiële middelen en programma’s zodat er betere besluiten kunnen worden genomen. Ook is de steun bedoeld om macro-economische stabiliteit tot stand te brengen. Zij sprak van een sterk partnerschap tussen de IDB en Suriname.