SERIEUS!? / Ivan Cairo
Zondag dacht ik even dat mijn leeftijd mij parten begon te spelen, dat mijn interpretatievermogen en misschien zelfs mijn geheugen zodanig achteruit zijn gegaan dat ik eerder dan gepland mijn pen zou moeten opbergen. Met een slecht geheugen en dito vermogen om te begrijpen wat een geïnterviewde heeft gezegd en dit te kunnen vertalen naar een behoorlijk journalistiek product heb ik namelijk niks meer te zoeken in de journalistiek. Dan zou ik beter tomaten kunnen gaan planten of me voltijds bezighouden met m’n geliefde vrijetijdsbesteding: hengelen.
Dus zondag toen president Chandrikapersad Santokhi in het programma ‘Welingelichte kringen’ op Radio ABC vertelde dat hij recentelijk een interview had gedaan over nationale dialoog met “een journalist” en dat deze in het artikel wat anders had geschreven dan hij had gezegd, begonnen mijn oren zo waar te klapperen. Ik dacht bij mezelf: ‘noem toch man en paard, dat interview heb je met mij gedaan. Waarom zo vaag doen?’
“De enige conclusie die ik kan trekken is dat de president het artikel niet zelf heeft gelezen en iemand hem iets heeft ingefluisterd en hij dat gewoon heeft nagezegd”
Laat mij gelijk aangeven dat ik een heel goede werkrelatie met Santokhi heb. Een relatie die teruggaat tot meer dan 25 jaar geleden. Toen hij nog hoofdinspecteur van politie was, hoofd van de Justitiële Dienst en later commissaris van politie.
De president heb ik bij wijze van spreken op speed dial. Ik app hem regelmatig als ik zaken wil weten die in de regering spelen en over bepaalde issues en hij appt steeds terug. Dat moet ik hem wel meegeven. Ondanks zijn drukte als president gebeurt dat meestal binnen 24 uur. Soms al binnen enkele uren. Zo af en toe appt hij uit zichzelf om bepaalde informatie door te spelen.
Ik was daarom verbaasd over zijn uitspraken. Dus ben ik opnieuw het artikel dat ik had geschreven gaan lezen en heb ik het interview opnieuw beluisterd. Oh, wat was ik opgelucht daarna. Ik zag ze nog niet vliegen en mijn verstandelijk vermogen was nog uitstekend. Ik heb niets geschreven dat de president niet heeft gezegd.
Mijn vraag was kort gezegd “Komt de nationale dialoog nog?” en dit waren de openingsregels van mijn artikel: ‘De nationale dialoog, zoals de regering van plan was, gaat niet door. Daarvoor in de plaats komen structuren die de uitvoering van het beleid zullen monitoren. “Het wordt geïnstitutionaliseerd in een monitoringsteam”, zegt president Chandrikapersad Santokhi tegen de Ware Tijd.’
Dat artikel ben ik zo begonnen, omdat ik tijdens het gesprek van de president met een delegatie van de Surinaamse Vereniging van Journalisten, heb aangegeven dat waarmee hij bezig was geen nationaal dialoog was maar hearings met afzonderlijke groeperingen. Vanaf dat moment hanteerde hij het begrip pre-dialoog en werd aangegeven dat na de hearings met alle groepen en personen er een grotere conferentie, zo je wilt, grote nationale dialoog met alle groepen zou worden gehouden.
Ik vroeg tijdens het interview daarom expliciet of die dialoog dus niet meer komt. Het antwoord van president Santokhi was: “We zouden medebetrokkenheid geven. Ze gaan worden betrokken, maar het is in ieder geval een model geworden, waarbij je rekening moet houden dat er zoveel voorstellen en inzichten zijn dat we uiteindelijk iets hebben gekozen dat werkbaar kan zijn. Of het echt gaat werken moeten we in de praktijk nog zien, nadat ze allemaal zijn geïnstalleerd.” Tot zover het citaat. De conclusie kan dus niet anders zijn dan dat de aanvankelijk geplande nationale dialoog niet meer komt, maar dat het iets anders is geworden.
Ik schreef al dat ik regelmatig contact heb met de president. Ook in de week na de publicatie die volgens hem niet op waarheid berust hebben we contact met elkaar gehad. En op geen enkel moment heeft hij onder mijn aandacht gebracht dat wat ik heb geschreven niet op waarheid berust. Waarom bijna anderhalve week wachten voordat je daarover iets zegt op de radio, terwijl we gewoon contact met elkaar hebben gehad?
De enige conclusie die ik kan trekken is dat de president het artikel niet zelf heeft gelezen en iemand hem iets heeft ingefluisterd en hij dat gewoon heeft nagezegd. De president zou er in de toekomst dus goed aan doen om zelf de mediaproducties die voortvloeien uit interviews die hij heeft gedaan zelf grondig te lezen in plaats van af te gaan op informatie van (vermoedelijke) souffleurs, voordat hij daarover boute uitspraken doet.-.