‘Onze tanks zijn leeg dus we moesten naar de stad’
Tekst en beeld Samuel Wens
BOVEN-SURINAME — Leerlingen van enkele basisscholen en scholen voor voortgezet onderwijs in het Boven-Surinamegebied, die vallen onder de stichting Federatie Instellingen Bijzonder Onderwijs Suriname (Fibos) en het Openbaar Onderwijs zullen geen kerstrapport krijgen. Dit zegt onder anderen Henk Jessurun, voorzitter van het Rooms-Katholiek Bijzonder Onderwijs en lid van de Fibos.
De maatregel is genomen omdat de leerlingen van de scholen in oktober en de eerste twee weken van november geen onderwijs hebben gekregen. Dat zal vermoedelijk ook in december niet gebeuren. De leerkrachten zijn namelijk naar Paramaribo vertrokken, omdat er geen water is om te drinken, voor het huishouden en om te baden. “Met de boot zou het niet mogelijk zijn drinkwater te brengen voor de leerkrachten vanwege de lage waterstand in de rivier”, verzucht Jessurun. “Met het vliegtuig zal het te duur zijn.”
Normalisatie pas in januari
De kinderen zullen op basis van andere criteria dan gebruikelijk worden beoordeeld. Ze krijgen in februari hun eerste rapport, het tweede in april en hun laatste schoolrapport in augustus. Er kan ook met twee kwartaalrapporten worden gewerkt net als tijdens de Covid-19-periode. De scholen wachten op instructies van het ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur.
Ouders, die de Ware Tijd heeft gesproken, verwachten dat het onderwijs pas in januari zal worden genormaliseerd omdat het dan pas weer zal regenen is de voorspelling. “Dan zullen de watertanks van de leerkrachten genoeg water hebben en komen ze terug”, vertelt moeder Hilda Main. Zij is van Gran Tatai en heeft twee kinderen op de school voor voortgezet onderwijs in het dorp.
De bewoners verwijten de overheid dat die niet werkt aan een structurele oplossing voor het waterprobleem. Ze verwijzen naar eerdere suggesties om waterbronnen te boren, rivierwater te zuiveren of water uit de stad voor de leerkrachten te vervoeren. Er zijn intussen tientallen leerkrachten naar Paramaribo vertrokken, omdat ze geen drinkwater hebben en – overigens net als dorpelingen – afhankelijk zijn van rivierwater, dat op bepaalde plekken is vervuild. “Onze kinderen in het binnenland blijven verstoken van onderwijs.”
Kreek kurkdroog
Jessurun zegt tegen de krant dat leerkrachten van vier scholen, die naar de stad waren vertrokken, terug zijn op hun plek en de scholen weer open zijn. Aan de andere kant zijn afgelopen week collega’s van drie andere scholen naar de stad vertrokken, waardoor die instelling nu gesloten zijn.
Kapitein Ponti Jabini van Nieuw-Aurora, die bureauvoorzitter is van de Vereniging van Saramaccaanse Gezagdragers, vertelt dat de klacht van de onlangs vertrokken leerkrachten dat het toilet op school niet kon worden doorgespoeld is opgelost. Dat gebeurde door tussenkomst van districtscommissaris Frans Dinge van het bestuursressort Boven Suriname. “Wij hebben de buis van de waterpomp verlengd, omdat die door de lage waterstand in de rivier niet tot het water reikte.”
Echter, de leerkrachten stellen dat daarmee hun drinkwaterprobleem niet is opgelost. De kapitein verwees de leerkrachten naar de plek, waar de dorpelingen drinkwater halen, namelijk een kreek. Maar die blijkt door de extreme droogte geen water te hebben, stelt Richano Jabini, schoolleider van de Johannes Arabischool van de Evangelische Broedergemeente in Suriname te Nieuw-Aurora. “De kreek is momenteel kurkdroog”, beklemtoont hij. “Onze watertanks zijn leeg en rest ons niets anders dan af te reizen naar de stad.”